IndexPortalKalenderFAQZoekenGebruikerslijstGebruikersgroepenRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 I will find them [Ophleia join topic.]

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: I will find them [Ophleia join topic.]   do jul 11, 2013 8:56 pm



-mensen die niet willen joinen mogen ook reageren.

Het voelde vreemd. Het was niet wat ik gewend was en het was ook niet iets wat ik zomaar zou doen. Maar toch ben ik het gedaan. Niet dat ik er heel trots op ben en dat ik er enorm mee ga rondzuilen, het is gewoon een klein dingetje om me hier niet alleen te vervelen ja, natuurlijk kan ik altijd nog wat wezens neerhalen. Maar dat is ook de reden van mijn groep. Ik wil bekend worden. Niet meer het meisje zijn met de regenboog haren. Maar de leider van opleiha. Vraag me maar niet hoe ik op die naam ben gekomen. Ik weet het zelf ook niet. Het schoot me ineens te binnen en ik was er wel blij mee.

Terwijl mijn voeten verstopt in zwarte leren schoenen mijn rond brachten en zand op stuifte wat mijn donkeren broek al verkleurd had zat ik diep in mijn gedachtes verzonken. Kom maar op, verras me maar. Ik heb wel zin in een klein beetje bloed. Nouja, een klein beetje. Ieder wezen dat mij zou willen aanvallen is wel wat groter dan voor een beetje bloed.

Over bloed gesproken. Hoe lang heb ik dat al niet gezien? Wat was de laatste keer dat ik een grijns op mijn gezicht had bij het zien van het bloed van mijn slachtoffer? Ik ben ook al tijden niet veranderd van lichaam. Over veranderen gesproken. Fanterria is ook wel wat veranderd. Het lijk, tja, leger. Alsof iedereen ineens verdwenen is. Of dat al deze dagen hier gewoon een droom was. Dat de nachtmerrie nu zou beginnen. Dat ik zo meteen wakker word in het zweet in mijn eigen linnen witte bed. Wat geeft dat een fijn gevoel zeg.

Ik rolde met mijn ogen waarna ik een steentje voor mij uit schopte. Wat ben ik blij dat ik hier zit. En dan is het maar een droom. Dan is het ten miste iets waar ik elke avond naartoe kan vluchten. Perfect zou dat zijn. Weg van die verwende wereld waar ik eerst in zat. Zonder mijn ouders en verwende zusjes. Ik mis hun als kiespijn.

Ik stopte met lopen en keek omhoog. Hoe zou ik ooit leden kunnen werven? Zomaar aan mensen vragen of ze hunter zijn zou vraag zijn. En een goed gesprek beginnen en erachter komen heeft ook geen nut. Misschien moet ik sowieso Akis maar vragen. Hij zou misschien nog wel meer mensen kennen.

Op naar het human district. Daar kan ik wel de meeste mensen vinden. Ik ben er zo lang niet geweest, misschein vind ik wel een groepje die hetzelfde denkt. Ach man, wie houd i kvoro de gek. Denk je nou echt dat je dat zult vinden? Mensen die wezens haten komen niet uit de lucht vallen hoor. Wat denk je zelf nou? Alsof jij zou gaan luisteren naar een of andere freak in het zwart met regenboog haar die vraag of je bij een groep genaamd ophleia wilt komen. Noem het gelijk maar hoepla, de meest faalende groep van heel fanterria.

~flutje~

===========================
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Alon
Wezen
avatar

Aantal berichten : 18
Punten : 3

Over jouw personage
Leeftijd: Old enough.
Groepsleider: I don't need a group..
Relatie: Get lost!

BerichtOnderwerp: Re: I will find them [Ophleia join topic.]   vr jul 12, 2013 7:38 am

Het gras bewoog geruisloos onder mijn katachtige poten, die mijn lichaam zonder enige moeite konden dragen. Stilletjes sloop ik naar voren. Mijn kattenogen hadden een goede prooi gevonden, eentje die heel argeloos een beetje gras aan het eten was. Dit leek wel een paard, maar het was eigenlijk een kelpie. Hoe ik dat wist lag voor de hand. Ik was oud genoeg om te weten wat voor een soort wat was. Een kelpie was ook een roofdier op zich, maar zolang het de vorm van een zwak paard aannam vormde hij geen bedreiging voor mij. Mijn staart, met aan het einde een slangenkop, bereidde zich al voor om de giftige beet uit de delen, terwijl mijn tanden schoongemaakt werden. Dit wezen was wel ver van zijn oorspronkelijke gebied vandaan. Ach, ikzelf was ook ver van mijn eigen gebied. Toch haalde geen enkel weldenkend mens het in zijn hoofd om mij aan te vallen. Als mens zou ik me ook niet hebben aangevallen. Wie zou een groot, moordlustig roofdier willen aanvallen? Ik viel alleen maar aan om te eten, maar als een wezen mij in de weg stond, schroomde ik niet om dat wezentje ook aan te vallen. Zelfs al was het een manticore of een reus. Die eerste zorgde vaak wel voor een leuk gevecht en die tweede was nooit zo snel als ik. Ik herinnerde me hoe ik ooit een mannelijke reus had aangevallen. Zijn eigen schuld, dan had hij zijn stinkpoten maar niet vlak voor mij moeten laten vallen. Het wezen wilde mij aanvallen. Natuurlijk, logisch, maar zolang ik de behendige chimera was hoefde ik niet bang voor een simpele reus te zijn. Die wezens waren te zwaar - en dus te langzaam - om mij bij te houden en als ze mij wilden pakken waren ze te traag. Mensen bijvoorbeeld waren natuurlijk te langzaam om een reus te kunnen ontwijken, dus het was logisch dat zij wel bang waren. Mensen. Ik had al een hekel aan het woord. Ze waren kale, zwakke wezens met geen enkele nut, behalve dat ze wel te eten waren. Sommigen haalden het nog in hun hoofd om zielige, zwakke wezentjes te beschermen. Waren ze allemaal gek daar? Die zielige wezentjes waren voor een reden zielig, het had helemaal geen zin om hen nog te beschermen. Als ik honger had, zou niemand mij redden. Enkel die vredelievende malloten die mij dan ook nog eens gras zouden voeren. Nee, dan stierf ik liever. Ik was inmiddels veel dichter bij de kelpie gekomen. Deze stond met zijn kont naar mij toe gedraaid en had mij nog steeds niet gezien. Op het laatst had hij mij echter wel gezien. Voor het wezen weg kon sprinten zette ik de aanval al in. Met een paar stappen zat ik al op een sprongafstand van het paard. Voordat het wezen tegen mijn gezicht kon trappen nam ik een sprong. Mijn klauwen landden op de rug van het wezen. Mijn achterpoten werkten hetzelfde als het paard; daar had ik helemaal niks aan. Ik trok me wat vooruit en greep de keel van de kelpie vast. Zonder mij te verbazen waarom het beest zich niet van vorm veranderde beet ik door. Uiteindelijk viel het paard op de grond en was alles weer stil. De jacht was gelukt, ik hoefde mij geen zorgen meer te maken om eten.

Rustig nam ik een hap uit het dode beest. Het smaakte niet als een echt paardachtig wezen, maar het was te doen. Ik keek even om mij heen. Een groot, donker bos stond tegenover mij en verwelkomde mij met open armen. Even keek ik verrast op. Was ik dan nog steeds in Horroria? Wat deed deze kelpie dan in Rocsnaam hier? Het was veel verder weg dan Human District. Nee, ik kon niet in Horroria zijn. Een klein mensendorpje bevestigde dit. Ja, helaas. Ik was in Human District. Ik keek nogmaals om me heen, waarna ik weer een hap nam. Mijn staart likte een keer aan het lichaam, maar deed verder niks. De kop op mijn rug keek rond, terwijl ik rustig aan het eten was. Het was niet dat ik een vreemde cerberus was. De drie koppen waren gewoon dezelfde chimera, maar ik kon wel veel meer opletten met een geitenkop op mijn rug en een slangenkop op mijn staart. Ik gebruikte ze vooral in gevechten. Mijn staart begon opeens hevig te sissen, alsof er iemand was. Hierom keek ik meteen op. Er was op het eerste gezicht niemand. Daarom gromde ik een keer naar mijn staart. Was ik werkelijk naar de lucht aan het sissen? Opeens voelde ik echter een aanwezigheid, eentje dat van het dorpje vandaan kwam. Later zag ik ook een kleur lopen. Misschien was het een nieuw slachtoffer? Ik nam nog een hap uit het wezen, maar toen er verder geen nuttige stukken meer over waren, liep ik maar richting het dorp. Ik wilde niet zo vol zijn dat ik geen stap vooruit kon zetten. Al snel raakten mijn poten de rand van het dorp aan. Er was niemand, leek het wel. Ik wist echter dat er iemand was. Omdat ik wist dat ik niet gek was liep ik daarom dus door. Het waren duister huisjes, met veel schaduwen en nauwelijks wat zon. Perfect dus. Helaas was dit een mensendorp, anders kon ik me hier makkelijk thuis voelen. Ik liep gewoon verder. Natuurlijk keek ik om me heen. Ook al was niemand zo gek om een chimera aan te vallen, toch was ik op mijn hoede. Er waren nog altijd die idioten die heel graag een Hunter wilden worden. Zelfs zo graag dat ze draken en reuzen met een zwak zwaardje wilden aanvallen. Om nog maar over de chimera's en manticores te zwijgen. Die laatste hoefden enkel met hun staart te zwaaien om een mens te doden. Een volwassen reus kon er zelfs doodziek van worden. Ik was goed in vuur spuwen en gif gebruiken. Als het nodig zou zijn, was ik ook nog in staat om een rookwolk te maken. Ik moest niet zo veel nadenken. Een paar meter verderop zag ik een gedaante met felle kleuren. Wat was dit voor een vreemd wezen? Het rook gewoon naar mens, maar een mens had niet zulke vreemde kleuren. Een beetje verward bleef ik wat op afstand, terwijl ik nog altijd naar het wezen staarde. Het was vast een vrouwtje. Ze had een typische vrouwengeur. Maar wat deed dit meisje dan hier? Ik besloot om nog steeds op afstand te blijven, ondanks dat het zo verleidelijk was om dit wezen nu aan te vallen. Ik wist niet wat het was en dus was het verstandig om een reactie af te wachten.

(Alon wil de groep joinen, btw :3)
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: I will find them [Ophleia join topic.]   zo jul 14, 2013 2:38 am

-ik weet niet precies hoe alon eruit ziet dus hopelijk lijkt dit een beetje.-

Eerst maar eens opzoek naar akis. Of ik een idee heb waar ik hem kan vinden? Nee. Het was altijd maar toeval wanneer ik hem tegen kwam. De laatste keer dat ik hem tegen kwam zat ik onder de blauwe plekken. Lang had ik hem toen ook niet gezien. Die avond was hij gelijk weer weg gegaan. vlak voordat iedereen veranderde. Och wat hield ik van die dagen. Ik was een elfje, ja. Met glitters en een jurk. Ik denk er nog altijd aan. Hoe geweldig het was om zo klein te zijn en iedereen die ik kende in een betere versie van zichzelf te zien. Godsamme waarom moest ik nou weer de elf zijn? Liet mij iets leuks zijn. Zoals een draak ofzo, desnoods alweer ene shape shifter. Maar alsjeblieft, waarom was ik weer de enige elf? Ik schaamde me dood!

Hmm, Akis. Eigenlijk mis ik hem wel, waarom weet ik eigenlijk niet. Misschien omdat hij de eerste was die ik tegen kwam, hij de eerste hunter was waar ik mee bevriend raakte? Hij een goede vriend is? Of omdat ik het mis dat iemand die mij mag om me heen te hebben? Ik zuchtte, ik miste heb gewoon. Ik voelde mijn wangen rood worden en stopte gelijk met lopen. Ik miste hem omdat hij Akis is. Beelden van de laatste keer dat ik hem zag vlogen door mijn hoofd. ''Waag het plakje.'' siste ik naar mezelf. ''Waag het.''

Mijn nekharen gingen overeind staan. Er was iets in de buurt. Mijn spieren spande zicht aan, mijn voeten gingen wijder staan om elk moment weg te kunnen springen of aan te vallen. Vanuit mijn ooghoeken probeerde ik achterom te kijken. Zo 1, 2, 3, zag ik niks bedreigends. Waarom waarschuwde ik mezelf dan? Ik draaide me een kwartslag om en keek achter me. Ik tuurde met mijn roze ogen de verte in. Net zolang totdat ik iets zag.

Mijn pupillen werden klein. Ik had veel gezien, maar zoiets nog nooit. Manen als een leeuw, wenkbrauwen die het grootste deel van het voorhoofd opnemen, Tanden zo indrukwekkend als die van een olifant, een staart versierd met een slagen kop, een tweede kop van een geit. Ik slikte even terwijl mijn ogen het wezen meerdere malen bekeken

Ik trok mijn mondhoek op. Dit wezen dacht vast dat hij een onschuldig mens tegen was gekomen. Waarschijnlijk een die vooral veel aandacht wilde met haar uiterlijk. Deels had hij, of zij gelijk. Ik wilde aandacht, maar niet in de vorm dat iedereen met mij ging praten. Ik wilde herkend worden voor wie ik wil dat ik ben. Ik ben benieuwd wat voor een indruk ik nu al geef. WAnt deze indruk zal beter worden naarmate er tijd is verstreken.

''Indruk wekkend.'' zei ik. Ik vond zijn constructie ook echt indrukwekkend. Mij zou je niet in zo'n lichaam zien. Het uitdagen van dit wezen was zo verleidelijk maar ook gelijk weer zo fout. Je weet niks over dit wezen, ik wist niet wat zijn aanvallen waren, wat zijn verdedigingen waren. Ik wist ook niet hoe het gif in de slangenkop was. Als ik deze aan zou vallen zou het een hele klus worden om er levend onderuit te komen. Maar wat zegt grootte over de efficiëntie.

Klein is ook een belangrijk wapen. Ik ken genoeg kleine insecten, reptielen en zoogdieren die nogal lastig kunnen zijn. Zelf heb ik ook wel wat gif bij me. Niet in dit lichaam, maar goed. Dit ging niet gelijk al over het aanvallen. Observeren. Daar zal ik maar eens mee beginnen. Ik ben benieuwd hoe dit uitpakt.

===========================
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Alon
Wezen
avatar

Aantal berichten : 18
Punten : 3

Over jouw personage
Leeftijd: Old enough.
Groepsleider: I don't need a group..
Relatie: Get lost!

BerichtOnderwerp: Re: I will find them [Ophleia join topic.]   ma jul 15, 2013 2:26 am

Nog altijd bekeek ik het wezen, maar was ik wel op alles voorbereid. Stel dat het opeens heel snel kon zijn, of dat het misschien een andere vorm van een gevaarlijk wezen was? Misschien was dit helemaal geen gevaarlijk wezen. Misschien was het een mens met een staart en vreemde kleuren. Mijn leeuwenkop draaide zich wat schuin, maar was strak op het wezen gericht toen deze zich omdraaide. Het leek meer op een mens met een staart en vreemde kleuren. Wat ik net al vermoedde. Het mens leek ook nog voor de eerste keer een chimera te zien, want ze staarde mij enkel aan zonder ook maar iets te zeggen. Opeens trok ze haar mondhoek op. Was er iets grappigs te zien? Ik vroeg me dan af wat er zo grappig mocht zijn. Was het mijn uiterlijk? Deze was normaal bedreigend. Ik gromde wat, al was het niet op een agressieve manier. Het was eerder om te laten weten dat ik niet zwak was. Ik zette een stap naar voren, aangezien het wezen nog steeds niks had gezegd of gedaan. Als het wezen agressief was zou ze allang in actie zijn gekomen. Daarbij zag ik niet zo snel gevaren aan dit wezen. "Indrukwekkend," hoorde ik haar opeens zeggen. Het was het Mens, waardoor ik eigenlijk al direct wist dat dit een mens was. Ik grijnsde, maar mijn staart siste. "Wat? Nog nooit een chimera gezien?" Hierna keek ik haar aan. Ik vroeg me eigenlijk af waarom ze in Rocsnaam zulke kleuren had. Zo werd ze sneller gezien en viel ze sneller ten prooi. Er moest dus iets anders aan haar zijn, iets waardoor ze sterk was en dus kon overleven. Maar mensen hadden niet echt sterke kanten. Zij pakten het op een andere manier aan. Carers waren lief tegen de wezens, soms te lief. Explorers trokken door Fantasonia en wilden meer over het continent weten. Hunters vermoordden alles wat ze konden vermoorden. Dit meisje zag er, ondanks haar vrolijke kleuren, niet echt uit als een lief wezentje. Een explorer was ze niet, deze waren niet zo duister. Dan moest dit wel een Hunter zijn. "En wat mag jij zijn, een Hunter?" Als dit een Hunter was, dat had ik alsnog geen reden om bang te zijn. Ik was niet bang voor een stelletje gekken met scherpe klauwtjes. Ik had klauwen, tanden, gif, vuur.. Eigenlijk zou dit meisje banger voor mij moeten zijn. Dat ze dat nu niet echt was, was redelijk bijzonder. Dit meisje op zich was al bijzonder. Toen ik nog een stap wilde zetten hoorde ik iets. Ik zette mijn voorpoot weer neer. Een regendruppel viel op mijn snuit, terwijl er opeens een flits verscheen. Ik grijnsde. Chimera's waren voortekenen van zaken als onweer. Meestal was dit ook toevallig, maar dit keer was ik er ook nog blij mee. Ik stoorde me mooit aan regen. Dat werkte in je nadeel. Als je het vervelend vond om in de regen te staan, was dat een teken dat je je gedachten ergens anders bij had. Daardoor werd je sneller aangevallen. Met deze reden stoorde ik me nooit aan onweer. Ook al werd ik niet snel aangevallen, de kansen waren toch groter dat het mij overkwam dan bijvoorbeeld een grote draak.

Ik wendde mijn blik weer naar het meisje. Waarom was ze eigenlijk hier? Woonde ze hier? Dat leek mij sterk, maar aan de andere kant was het heel goed mogelijk. Ik snoof. Deze plek.. Ik vond het irritant om hier te zijn. Eigenlijk moest ik me daar niet aan irriteren, maar in het bijzijn van een zwak mensje mocht ik wel een uitzondering maken. Dorpen als deze waren vervelend. Ze waren te menselijk. Mensen hoorden hier simpelweg niet thuis, ondanks Human District, wat de mensen zelf opeisten. Ze waren uitermate vervelend en waren zelfs een bedreiging voor sommige wezens. Ik vroeg me echt af hoe sommige wezens vrienden met mensen konden worden. Zoals dat ene wezen.. Wat was haar naam? Avani? Het zou ook wel. Reuzen moesten gewoon geen vrienden met mensen zijn, ongeacht hun grote overeenkomst met de mens. Ze was zelfs lid van een groep. Zonde. Een wezen als zij zou prima tegen de mens kunnen strijden. Ik snoof direct nadat ik het meisje aankeek. Dit was ook een mens. Een van die irritante wezens. Waarom stond ik hier eigenlijk nog? Waarom stond zij hier nog? Een van ons moest weg, bedacht ik me. Dat zou ik zeker niet zijn. Waarom zou ik weggaan voor een simpel wezen als zij? Ze moest maar weg en als dat niet goedschiks kon, dan maar kwaadschiks. Ik was totaal niet van de goedschikse kant, dus er bleef maar een optie over. "Je weet dat dit niet jouw gebied is?" Ik doelde niet alleen op dit dorpje. Heel Human District was in feite niet van de mens. De mens was naar Fanterria toe gekomen. Ze waren hier niet geboren. Volgens mijn redenatie was de mens dus een indringer en mochten ze mooi weggaan. Ik deed nog een stap naar voren, terwijl ik laag gromde. Een rookwolk verscheen uit de geitenkop. Dit was niet voor de show. Ik wilde niet laten zien hoe goed ik wel niet was. Ik wilde juist het al duistere gebied nog meer verduisteren. Ikzelf had hier namelijk geen problemen mee, maar ik had gemerkt dat mensen hier niet zo goed tegen konden. Zeker in Horroria waren ze stekeblind. Ik snoof en keek het meisje nog steeds aan. Ik hoefde haar niet nogmaals te waarschuwen. Ik nam wel aan dat ze door had waar ik naar toe wilde: een van ons moest weg en dat zou ik niet zijn. Opeens spuwde ik een vlam uit. Deze landde expres voor haar. Deze vlam zorgde niet voor een mooi lichteffect. Het zorgde er juist voor dat de omgeving nog minder zichtbaar was: het felle licht verlichtte alleen maar een klein deel, maar de rest van de omgeving werd naar verhouding donkerder. De vlam kon zich niet uitbreiden en zou door de regen redelijk snel kunnen doven, maar voor nu werkte het prima. Nu was iedereen natuurlijk anders, maar ik ging er van uit dat dit meisje ongeveer hetzelfde in elkaar zat als alle andere mensen. Daarbij kon ik wel tegen vuur, zij vast niet. Haar nog steeds in de gaten houdend, nam ik een sprong, waarbij ik mijn voorste klauwen uitstrekte en recht op het wezen richtte. Het kon onder de juiste omstandigheden een verrassingsaanval zijn, aangezien ze mij in dat geval pas zou kunnen zien wanneer ik een halve meter van haar was verwijderd. En dan was ze te laat met ontwijken.

OOC: Alon is een grote leeuw met een geitenkop op zijn rug en een slangenkop op zijn staart ;]
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: I will find them [Ophleia join topic.]   wo jul 24, 2013 10:47 pm

"Je weet dat dit niet jouw gebied is?" klonk er laag uit het leeuw achtige wezen te komen. Ik trok mijn mondhoek omhoog. ‘’Wie zegt dat ik dit als mijn gebied claim?’’ ik sloeg mijn armen over elkaar en ging op een been leunen. Ik was niet bang, ik had zelf nog mijn eigen verdediging. Het leeuw achtige wezen deed een stap naar voren terwijl hij laag gromde. Grommen, dat kan ik ook. Terwijl de mist optrok waardoor het gebied nog donkerder werd bleef ik kalm staan. Spelen met mijn leven dit, geweldig.

Tot mijn verbazing kwam uit de geiten kop een grote rook wolk. Samen met de mist was het nog moeilijk om elkaar te zien. Ik ging meer op mijn twee benen steunen om eerder weg te kunnen springen of te veranderen. Het gevecht gelijk al aan gaan is niet slim. Door de rook hen waar ik het wezen nog net kon zien zag ik een vel oplichtende rood oranje bal naar mij toe vliegen. Ik sprong naar achteren terwijl de bol op de grond landde op de plek waar ik net stond. ‘’vuur.’’ Fluisterde ik. Dat was iets nieuws. Ik Wist dat hier wezens vuur konden spuwen. Dat is niks nieuws. Maar dat dit wezen dat kon? Dat was nieuw voor mij.

De rook die van het vuur af kwam verduisterde het gebied nog meer waardoor ik het wezen helemaal niet meer kon zien. Ik kneep mijn ogen tot spleetjes en zocht de omgeving af. Een verassings aanval was het gene waar ik op me hoeden voor moest zijn. Ik zag een beweging in de rook en mist voor mij. Ik zette een voet naar achteren en ging door mijn knieeen. ‘kom dan maar!’ dacht ik. ‘haal me maar!’

De grote leeuwenkop van het wezen verscheen voor mij. Hij was al te dichtbij om nog te kunnen ontwijken en landde vol in mijn gezicht. Samen met het wezen viel ik achterover en maakte ik een koprol waarna ik onder het wezen terecht kwam. ‘’Slim.’’ Zei ik. Ik moest nu niet té veel met mijn leven spelen. Ik houd het graag. ‘’Maar niet goed genoeg.’’ Grijnsde ik. Mijn lichaam lichtte op en veranderde zicht tot die van een klein insect. Snel kroop ik onder het wezen vandaan om ongeveer 2 á 3 meten van het wezen vandaan mijn uitwendig skelet te vervangen voor een paar veren. Het lichaam van een Valk droeg nu mijn ziel en Gedachtes.

Recht omhoog vloog ik om boven de rook en mist uit te komen. Alles om mij heen bleef nog donker door een stel bijna zwarte regenwolken. Geweldig om zo iets nu te krijgen, echt wel. Het wezen had geen vleugels voor zo ver ik wist, dus ik was hier in mijn voordeel. En zo hoog springen als de hoogte waar ik nu op zit is vrijwel onmogelijk.

‘’ik ben geen standaard mens zoals je misschien zou dneken!’’ riep ik door mijn snavel heen. Terwijl mijn vel gekleurde lichaam boven in de lucht zweefde was ik nu een makkelijke prooi geworden voor andere vliegende wezens. Mijn kraal ogen speurde heel het gebied af vanuit de lucht naar andere wezens die mij als hun luch wilde hebben. Of misschien nog een mens die net zo’n hekel heeft aan wezens als ik heb.

Dat zou nog een heel gedoe worden om een mens over te halen dat ik ook een mens ben. Ik bedoel, ik kan van lichaam veranderen. Niet in het lichaam van een wezen, dus dat maakt het al weer makkelijker. Maar of ze zullen geloven dat er ook magie bestaat op aarde? Dat gaat wel even een tijdje duren.

===========================
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Alon
Wezen
avatar

Aantal berichten : 18
Punten : 3

Over jouw personage
Leeftijd: Old enough.
Groepsleider: I don't need a group..
Relatie: Get lost!

BerichtOnderwerp: Re: I will find them [Ophleia join topic.]   do jul 25, 2013 8:43 pm

Het was precies zoals ik het al had verwacht. Het meisje had mij pas te laat gezien en landde samen met mij op de grond. Ze maakte echter wel een koprol. Ik gromde. Nu had ik haar te pakken. Ik hoefde alleen nog maar snel met mijn klauwen uit te halen om dit meisje goed aan te kunnen pakken. Ik voelde de druk onder mijn buik opeens minder worden. Verbaasd als ik was keek ik naar het meisje, dat zichzelf in een insect veranderde. W-Wat? Dat had ik zelfs niet verwacht. Dit meisje had heel veel naar mens geroken, zelfs zoveel dat ik er blind van uit was gegaan dat het gewoon een mens was. Maar mensen konden zich niet in insecten veranderen. Anders hadden ze dat allang wel gedaan als ik ze had aangevallen. Ik gromde en mijn staart siste, terwijl de regen op mijn rug bleef vallen. De regen haalde mij niet uit mijn gedachten, maar het insect kon de regen wel als storend ervaren. Ik grijnsde. Toch niet zo handig. Insecten hadden zo hun voordelen, maar konden door iets groots makkelijk onderuit gehaald worden. Net als dat grote wezens, zoals draken of reuzen, met de kleinste beweging een mens het leven konden ontnemen. Ik kon dat ook makkelijk, al was dat eerder niet met mijn lichaam, maar met mijn krachten. Ik was wat hoger dan een normaal mens, maar nog steeds kon ik in mijn eentje niet tegen een draak of reus op. Dus vertrouwde ik maar op mijn snelheid, die mij altijd al had gered. Het insect - of tenminste, daar ging ik maar van uit aangezien lucht zelf niks kon vormen - veranderde zichzelf in een vogel, maar het was niet een die vaak in Grunland, laat staan Fantasonia voorkwam, ongeacht zijn bijzondere kleuren. Dit moest dan een vogel zijn die van dezelfde planeet als dit meisje kwam. Aangezien ik al mijn hele leven op Fanterria woonde, vroeg ik me heel erg af hoe deze vogel in elkaar zat. Het meisje kon van zichzelf geen vuur spuwen, dat had ik geen enkel mens zien doen sinds dat ze hier waren gekomen. Ik ging er dus maar van uit dat deze vogel dat ook niet kon. Wat hij wel kon, was vliegen. En dat kon ik nou net weer niet, hoe graag ik het ook zou willen. ‘’Ik ben geen standaard mens zoals je misschien zou denken!’’ Nee, dat zag ik ook wel. Wat dacht ze, dat ik maar een wezen was? Ik was er niet zomaar een! Ik kon best hoog springen, aangezien ik een redelijk groot lijf had, maar zo hoog als de vogel nu vloog kon ik zeker niet springen. Als ik het al zou proberen zou ze mij enkel uitlachen en zeggen dat ik er idioot uit zag. Volgens haar zag ik er vast een beetje apart uit, maar dat was alsnog geen reden om een wezen - zeker niet eentje die op mij leek - te beledigen. Het wezen keek echter om zich heen, vast om te kijken of er geen andere wezens waren. Waarom ze wegkeek, maakte me eigenlijk niet zo veel uit. Het interesseerde me alleen dat ze nu niet echt op mij lette. Een perfecte kans. Even keek ik nog om me heen met mijn slangenkop. In de buurt stonden huisjes die overduidelijk van de mensen waren. Ik had al een idee hoe ik zo'n vliegend beest moest aanpakken. Stilletjes rende ik de duisternis in die zowel het weer, als de rook en het vuur hadden gemaakt. Een duisternis waarin ik onmogelijk te zien was.

Zo geruisloos mogelijk sprong ik een van de huisjes in. Het was leeg hier. Het kon zijn dat iedereen weg was, maar daar schonk ik mijn aandacht niet aan. Ik kende de mensen lang genoeg om te weten dat ze een doorgang naar het dak hadden. De vraag was eerder waar die doorgang dan precies was. Ik botste met mijn poot tegen een verhoging. Voorzichtig legde ik dezelfde poot op de verhoging, waar ik weer een andere verhoging voelde. Was dit het dan? Ik probeerde de trap te beklimmen, maar aangezien dit de eerste keer was dat ik een trap beklom - dat had immers nooit gehoeven - ging het een beetje anders dan gepland. Alsnog hield ik me stil. Mocht het beest mij horen, dan zou ze mij alsnog niet kunnen zien: op die ene opening en die op het dak na was er geen enkele plek waar een beetje licht door kon komen. En aangezien het buiten al zo donker was, was het hier net zo duister als Horroria. En dat was zo duister dat mensen daar niks konden zien, maar de wezens die daar woonden wel. Ik klom met wat moeite op het dak en keek naar het wezen. "Verrassing," zei ik spottend, waarna ik een vlam naar het wezen spuwde. Het kwam echter boven het wezen, maar dat was gepland. Ik had daar een reden voor: aangezien het wezen vast van deze vlam moest schrikken, was naar onderen duiken de algemene eerste schrikreactie. Naar onderen duiken was echter weer in mijn voordeel, aangezien ze dan dichter bij de grond zou zijn. Ik sprong van het huis af en haalde met mijn slangenstaart uit. Het zou mij verbazen als het mis was. Mijn slangenstaart was best snel en bevatte ook gif. Met het gif wat ik echter nu zou kunnen uitdelen, zou ik het meisje niet doden. Ik had meer gif nodig om haar te kunnen doden. Hiermee vertraagde ik iemand alleen. Ik landde als een kat op de grond en keek weer op, richting de vogel. Deze vloog echter op zo'n hoogte dat het niet echt te zien was of ik haar had geraakt of niet. "En ik ben geen standaard wezen," antwoordde ik op haar opmerking, waarna ik wat rechter ging staan. "Ik heb nooit gezegd dat jij dit gebied wilde opeisen. Human District is in zijn geheel al opgeeist, dus waarom zou je?" Mijn slangenstaart siste opeens. "Jullie mensen horen hier gewoon niet thuis, niet in dit land, niet op deze wereld," gromde ik hierna. Natuurlijk hoorde ik ook niet in een gebied als Human District thuis, maar ik had alsnog meer recht om hier te zijn dan een van die zwakke wezens. Zij kwamen van een andere planeet en ik van een ander land, waarvan de grenzen niet eens duidelijk waren getrokken. Draken vlogen bijvoorbeeld niet alleen in het snikhete Volacia rond, waar reuzen niet alleen maar achter de ijskoude en gigantische bergen van Giville bleven. Ze hoefden daar ook niet te blijven. Waarom zouden ze daar blijven? Van het laatste voorbeeld was het misschien nog te begrijpen dat ze beter in hun eigen gebied konden blijven, maar voor de rest was het verkeerd om een wezen in een land op te sluiten. Ook al was het land misschien nog zo groot. Zonder mijn gedachten verder af te laten dwalen, wat de vogel voor me wel had gedaan, bleef ik naar het gekleurde wezen kijken, wachtend tot deze een reactie had.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Gesponsorde inhoud




BerichtOnderwerp: Re: I will find them [Ophleia join topic.]   

Terug naar boven Go down
 
I will find them [Ophleia join topic.]
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Fanterria :: Fantasonia :: Human District :: Villages :: Shadow Village-
Ga naar: