IndexPortalKalenderFAQZoekenGebruikerslijstGebruikersgroepenRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 a small creek next to me

Ga naar beneden 
Ga naar pagina : 1, 2  Volgende
AuteurBericht
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: a small creek next to me   zo mei 13, 2012 4:50 am

Hijgend rende ik verder. Met steeds dezelfde vraag in mijn gedachtes. ‘’waar ben ik?’’ Een spoor van vertrapt gras lag achter mij. Mijn rode gympen waren doorweekt door de douw die aan het gras hing. Een licht gehijg kwam uit mijn mond door de lange afstand die ik al gerend had. De boom waar ik eerst nog lag was nu al ver uit het zicht verdwenen. Net zoals de witte draak die mijn begroette. Zijn woorden tolde nog steeds door mijn hoofd heen. “Hoi! Welkom op Fanterria!” mijn regenboog gekleurde haar zat strak in een staart gebonden terwijl mijn staart heen en weer zwiepte. Door de wind die van beide kanten onregelmatig kwam doordat ik kris kras door het gebied heen rende. Een bos kwam in zicht waarna ik stopte met en kris kras rennen en me op het bos concentreerde. Iets trok mij naar het bos terwijl mijn geweten me er van weg hield. Het had niet zo’n vrolijk tintje als de meeste bossen maar dat trok mij er juist naartoe. Ik was niet van al die gezellige dingen en thee feestjes. Zoals ieder meisje dat ik kende voordat ik naast de boom lag. Waar was ik eigenlijk? Het zag er normaal uit voor zover ik het zag en ik kon er gewoon ademen. Zou dat misschien komen omdat ik een shapeshifter ben? Of hoort dat hier zo? Voor als ik niet de enige ben die hier naartoe is gekomen en begroet werd door de witte draak. Ik stopte met rennen doordat ik buitenadem was. Ik was al vlakbij het bos en vervolgde mijn reis lopend. Een gegrom kwam mijn oren binnen. Een grijns verscheen op mijn gezicht waardoor mijn hoektanden zichtbaar werden. Ja, die heks heeft mijn gebit ook verandert tot die van een wild beest. Ik zakte wat door mijn knieën en plaatste mijn handen wat naar voren. De wind kon nog net een windvlaag door mijn mensen haar halen voordat ik vooruit sprong en in een regenboog gekleurde wolf veranderde. Ik begon weer te rennen richting het bos doordat mijn uithoudingsvermogen als wolf veel beter was dan als mens. Ik rende het bos binnen en werd aangestaard door twee rode ogen die mij volgde. Alsof ze aan een stok aan mijn lijf vastzaten bleven ze naar me kijken terwijl ik nog steeds verder rende. Moet dat ding niet eens naar voren kijken voordat hij ergens tegenaan knalt? Ik had gelijk, de twee rode ogen verdwenen tegelijk meet een doffe klap die volgde. Ik schudde even met mijn kop en richtte mijn blik weer voor mij. Nog net op tijd om een bom te ontwijken. Zonet stond daar nog geen bom en was dit een vrij pad? Ik haalde mijn schouders op en rende verder totdat ik bij een open plek aankwam. Mijn maag rommelde en hier was geen enkel eten te vinden. Ja, behalve de wezens die hier waren maar ik wist niet hoe en wat ze waren dus ging ik mijn leven er ook niet op wagen. Ik ging op mijn achter poten staan en veranderde van een regenboog gekleurde wolf in een prachtige paradijs vogel. Even zweefde ik nog boven de grond waarna ik mijn vleugels moest gebruiken om mezelf in de lucht te houden. even leek alles heel langzaam te geen waarna ik als een pijl die zijn boog verliet omhoog tot boven het bladerdak. Vanaf hier had ik een geweldig uitzicht op het gebied waar ik nu was. Ongelofelijk hoe prachtig het hier was. Ik voelde mijn vleugels slap worden wat betekende dat ik weer bijna in een mens zou veranderen. Ik vloog naar een stukje open landschap in een berg gebied. Vlak voor de grond veranderde ik weer in een mens. Net op tijd was ik dus naar een veilige plek gegaan. Ik keek om me heen en zag geenenkel wezen en plofte neer op het gras. Ik hoorde een beekje naast mij kabbelen en glimlachte even. Geen idee waarom. Deze plek deed iets met mij. Terwijl ik nooit zo roze zoete liefde persoon was. Was deze plek betoverd ofzo?

[&akis]
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   zo mei 13, 2012 8:24 am


Een groep vogels verliet de toppen van de bomen, terwijl ik grijnzend door het landschap heen rende. Mijn kleren zaten onder de spetters bloed, die allemaal afkomstig waren van verscheidene vogels. Luid gekrijs vormde zich in de struiken, en boven mij, alsof daar allemaal geluidboxen zaten, met enkel het geluid van woedende vogels erop. Ik versnelde mijn pas, terwijl mijn borstkast sneller op en neer ging. Luid vleugel geklap was achter me te horen. Een valse grijns sierde mijn gezicht, omdat ik hier van genoot. Vechten, jagen zat in mijn bloed en zelfs in deze wereld kon ik deze uiten. Deze vogels waren misschien mythisch, maar dat maakte de lol er niet minder op. Nu was het nog leuker hoe ze reageerden. Nu reageerde ze nog heftiger, alsof ze me écht dood wilden hebben en al hun wraak op mij hadden gevestigd. Even sprong ik over een kuil heen, en hervatte mijn sprint die nu zijn tol begon te eisen. Nu kon ik beter dit beëindigen, anders zou ik toch vogelvoer worden.
Haastig keek ik naar de bomen om mij heen, terwijl ik iets zocht, waarachter ik voor hen kon schuilen. Na enkele seconden wist ik een boomstam te vinden, met een kuil erachter en vervolgens de pad die kalmpjes vervolgde. Ja, dat had ik nodig. Ik versnelde mijn pas, waarna ik over de boomstam heen sprong en stevig op de kuil viel. Geen pijn voelde ik eerst. Ik moest namelijk stil zijn. De vogels schoten allemaal erover heen, en vlogen een veilige afstand door. Ik kuchte kort, en besefte dat ik veilig was. Al zat mijn outfit onder de modder. Mijn oranje, zwarte vest en broek wisten bijna helemaal bruin te worden en zelfs een beetje van mijn haar. Ik plaatste mijn achterwerk op de boomstam, en trok de vest van mij af. Een shirt eronder droeg ik niet. Te warm was het dan. Met mijn vest vast, begon ik te kijken, naar mijn broekzak, waar een pistool in zat. Een klein druppel bloed erop verraadde al wat ik de vogels had aangedaan; ik had 1 soortgenoot gedood. Ik moest overleven.
Ontspannend plaatste ik me beter op de boomstam, en keek ik met mijn rode ogen naar de vest die ik vast hield. "Toch is het raar.." Direct keek ik naar de diepblauwe lucht, waarin draken en andere wezens vlogen. Ik was hier sinds een korte tijd beland via een portaal, en voordat ik het wist moest ik écht jagen voor mijn voedsel. Zoals die vogel van net. Kampvuurtje maken, en dan geroosterde kip eten. Water kon ik verzamelen bij de rivieren hier in de buurt, en zo kon ik wel overleven. Het was raar, dat iemand als ik.. Een persoon dat in de stad leefde, dit overkwam. En ik bracht het er nog goed van af. Kogels wist ik zelf te maken, met zwoegen. Deze gebruikte ik ook enkel voor grote prooien. Normaal gebruikte ik mijn katana. Maar die had ik in mijn huis gelaten. Ik kneep mijn ogen tot spleetjes, doordat de zon relatief fel was. De tijd tikte helaas door, dus kon ik beter mijn vest wassen. Spoedig wierp ik de vest over mijn schouder en liep zo naar de dichtbijzijnde meer toe.

Het was een grote,uitgestrekte meer die ik inmiddels vaak bezocht had. Je kon hier prima vissen, en dat was vooral de reden. Het was mijn eerste keer dat ik mijn kleren hier moest schoonmaken, maar het water was zuiver, waarom niet. Ik hurkte bij het rand van het meer en wierp mijn vest erin en maakte deze goed schoon, terwijl verschillende visachtige wezens mij al herkende en naar achteren deinsde. Kort grijnsde ik. "Hey, jullie zijn mij niet vergeten. Wat een schatten zijn jullie." Sarcastisch had ik het tegen hen gezegd, met het besef at sommige van hen mij konden verstaan. Mijn broek deed ik liever niet uit, dus maakte ik enkel de vlekken modder schoon, door het water in te stappen met mijn gympies aan en het modder eruit te halen. Spoedig kwam ik het water weer uit, en was ik klaar om naar huis te gaan.
Met de vest in mijn hand, liep ik kalmpjes naar een grasveld die grensde aan het meer en mij sneller naar mijn huis zou brengen. Deze route nam ik ook vaak. Na jachten had ik last van mijn ledematen, en was het slimmer om deze kortere weg te nemen. Er was nog een langere weg, maar dat was voor dagen dat ik óf meer wezens moest vangen voor een voorraad of dat ik juist een te slechte jacht had gehad. Dus Fanterria... Ik had je al in mijn greep.

Een plofje klonk, en traag opende ik mijn ogen die ik gesloten had gehouden. Ineens keek ik toen naar een meisje van zo'n 16 jaar, met regenboog haar die glimlachend op het gras zat. Ik hief mijn wenkbrauw op, en zag toen dat ik geen vest droeg. Oeps... Snel deed ik mijn vest beschamend aan, en snoof kort. Net op tijd trok een bloosje op mijn wangen weg. "H-Hoi?" Zei ik droog. Veel mensen had ik nauwelijks gezien hier. Dus was het wennen, dat ik een leeftijdgenoot zag. Zeker na al die tijd. "Ben jij een mens" vroeg ik zo serieus mogelijk. Hopelijk had ze me niet zo gezien. B-Beschamend..


Laatst aangepast door Akis op di mei 15, 2012 3:53 am; in totaal 1 keer bewerkt
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   zo mei 13, 2012 6:49 pm

Ik plaatste mijn handen achter mijn rug op de grond en steunde op mijn armen. Ik richtte mijn hoofd in de licht een zag een tweetal vogels door de lucht vliegen. Vrolijk vlogen ze om elkaar heen en tsjirpten nog vrolijker. Heen snelvarend ze niet. Ze waren ongeveer zosnel als een mens dat aan het joggen is. Hoe moest ik eigenlijk eten? Moest ik op de wezens hier gaan kagen, moet ik alleenmaar vruchten eten of is er nog een andere manier? Ik richte mijn blikveld voor mij uit. In de beweging gleed er een grote witte streep over mijn pilotenbril. Ik had hem ooit van mijn vader gekregen, geen idee meer wanneer. Schuin voor mij zag ik een jongen zijn broek wassen. Zijn bovenkleding had hij over zijn schouder gegooid. Ik kon nog net een glimp opvangen van zijn broek met rode vlekken. Meestal wees het op bloed. En in dit geval ook als je zijn gezicht zag. De jongen had mij gezien en merkte dat hij geen shirt of iets dergelijks aan had. De jongen had een strakke buik maar niet echt een duidelijk zichtbaar getrainde buik. "H-Hoi?" vroeg de jongen droog alsof dat 'ongelukje' er. Iet geweest was. Een grijns verscheen op mijn gezicht. hij was het eerste mens dat ik hier gezien had. Waar ik eerst rondliep krieoelde het van de mensen als je een stukje liep. Hier kwam ik hem met geluk tegen. "Ben jij een mens" de grijns op mijn gezicht was nogsteeds zichtbaar. "ik zag het wel. Alleen de meeste jongens laten hun buik alleen zien als ze een six-pack hebben. Jij bent zeker nog bezig met je training programma. Of niet soms?"ik haalde mijn piloten bril van mijn hoofd af en liet hem in het gras naast mij liggen. Wel oplettend t een vogel hem niet zo stelen door de glans. Ik haalde het elastiekje uit. In strak vast gebonden haar en schudde even met mijn hoofd om alle haren los te maken. waarna ik mijn elastiekje weer in mijn haar deed met nogwat losse plukte voor mijn gezicht hangen. Met een hand pakte ik mijn pilotenbril en met de andere veegde ik nog wat haren uit mijn gezicht. Ik deed de bril weer op en keek de jongen aan. "vanwaar het bloed?" de jongen zag er al redelijk uit maar had ooknog donkere plekken op zijn broek zitten van het water. Ik ging in kleermakers zit zitten en lechde mijn armen gekruist over mijn schoot heen. De wind begon rustig te blazen en liet wat van mijn haar naar à heren waaien. Voor de zekerheid keek ik achterom of niets ons zou kunnen opmerken. Vanwege mijn 'gave' heb ik genoeg geleerd om in het wild te overleven. Ik vluchtte wel meer dan dat ik vocht omdat de wonden die ik in het dieren lichaam opliep wel zichtbaar werden als litteken op mijn mensenlichaam. En omdat ik natuurlijk weer in een kakkers famillie zat werden ze helemaal van: "oje! Schat, wat is er met je gebeurd! Laat Edward er maar even naar kijken. En ga daarna in bad. Je ziet er niet uit! Je lijkt wel een beest!" gevolgd door nog wat nare opmerkingen van mijn tut zusjes. Hier zou het hopelijk niet opvallen als ik onder de littekens terug kwam. Wat wel een geluk was van mijn gave is dat als ik bijv. In mijn wolvenlichaam in mijn rug een grote Openplek heb opgelopen heb ik er geen last van als ik in een andere dieren lichaam zit.
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   ma mei 14, 2012 2:14 am


Een grijns verscheen op het gezicht van het meisje. Als dit een raar fantasie wezen was, werd ik er lekker erin geluisd. Ik moest immers jagen, en dan had ik mijn kans al verloren om het wezen te vangen. Terwijl ik met mijn vinger met de rits speelde, prikte de zon telkens maar feller in mijn ogen. Het was al ergens in de middag, maar toch was het zo warm. De zon was een vuurbal, eigenlijk een ster, maar alsnog leek deze soms de overhand te nemen, ongeacht de tijdstip. Vlug plaatste ik mijn hand weer naast me. De zon zou het moeilijker maken om het wezen te grijpen, áls het een wezen was. 'ik zag het wel. Alleen de meeste jongens laten hun buik alleen zien als ze een six-pack hebben. Jij bent zeker nog bezig met je training programma. Of niet soms?' Gelijk keek ik op. Duidelijk een mens. Direct snoof ik. Maakte het wat uit, dat ik geen six-pack heb? Je moet lenig en flexibel zijn om te kunnen jagen. Met spieren was je zwaarder en werd je mega dom. Ik trok mijn ogen tot spleetjes, terwijl het meisje de pilotenbril afdeed. "Ja, nou goed." Snauwde ik toe, en keek van het meisje weg. Een neppe pruillip had ik opgezet, terwijl een windje langsstreek, en enkele grassprietjes langs mijn broek schoven. Enkele van hen plakten aan de natte, donkere plekken. Deze had ik vlug opgemerkt en weggeveegd. Ik vond viezigheid niet zo erg. Ik was er haast mee opgegroeid, maar van enige schone dingen hiel ik wel van. Kort grijnsde ik, en keek toen de lucht in. De blauwe lucht die tijdloos leek. Ook zo schoon. 'Vanwaar het bloed?' Direct keek ik weer naar het meisje met een verbaasde blik. Bloed? De zwarte donkere plekken op mijn broek hadden me verraden. Lekker dan. Deze donkere plekken greep ik even vast en blies er even overheen om ze sneller droog te krijgen. Ik zat te twijfelen, of ik het haar moest vertellen. Straks was ze een.. Blergh.. Carer. Dan zou het irritant worden, en daar had ik geen zin in. Een meisje zou mijn vijand worden, hoezé. Ik moest voorzichtig zijn. "Ow dit. Van het jagen op wat vogeltjes. " Zei ik zo onnozel mogelijk, terwijl ik in mijn ooghoeken het meisje in een kleermakerzit ging zitten. Ik besloot te hurken en wat naar voren geleund te zitten. Als ik op het gras zou zitten, moest ik terug naar het meer. Maar er was ineens een mens in de buurt van het meer. Dat maakte me nieuwsgierig.

"Hoezo dat regenbooghaar?" Dat was het eerste wat ik aan haar had opgemerkt, sinds ik de grasveld op liep. Zelfs de vriendinnen van mijn vrienden deden nooit aan zoiets. Was zij dan toch een wezen? " Zoiets heb ik zelden gezien. Ben jij toch een wezen." Een dramatisch effect wist ik te creëren, door haar ernstig aan te kijken, maar een lach verliet toen mijn mond voordat ik erg aan had. " Dus.. What are you?" Besloot ik toen met een kleine glimlach te vragen. Als het een wezen was had deze mij al aangevallen, nadat ik over de jacht was begonnen, maar zo niet ook. Dan moest ik maar zien of ze loog. Ik kon de tekenen altijd makkelijk herkennen, door vroeger. Vaak genoeg moest ik dat doen, en mensen ondervragen. De reden hield ik voor mezelf, want mijn leven was hard en dit fantasiewereldje leek gemakkelijker te zijn.


Laatst aangepast door Akis op di mei 15, 2012 3:52 am; in totaal 1 keer bewerkt
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   ma mei 14, 2012 7:20 am

Als een reactie op mijn vraag  greep de jongen een natte plek op zijn broek en  bloes er even overheen. De jongen twijfelde even of hij zou gaan praaten en liet de woorden toch over zijn lippen glijden. "Ow dit. Van het jagen op wat vogeltjes. " of de jongen jaagde voor zijn plezier of hij deed het om te overleven. Als hij het zou doen om te overleven zou dit wereldje mij hier wel bevallen. "oké." antwoorde ik droog. "Hoezo dat regenbooghaar?" kaatste de jongen terug op mijn Vraag. "Zoiets heb ik zelden gezien. Ben jij toch een wezen." ik keek de jongen scheef aan. Alleen door een bijzondere haarkleur kom je iemand toch niet voor wezen uitroepen? "Dus.. What are you?" de jongen liet een kleine glimlach zien. "ik ben een mens net zoals jij. Mijn haar is vanwege de rijke kakkers famillie waar ik uitkom." met deze twee simpele zinnetjes beantwoorde ik de drie vragen van de jongen. Ik herinnerde hem me nog goed hoe mijn famillie reageerde toen ik met mijn nieuwe haarkleur binnen kwam. Onze butler die normaal altijd mijn zijn ogen half gesloten en zijn borst stevig vooruit mijn famille bediende ineens zijn rug bol maakte en zijn ogen tot spleetjes kneep om mijn haar beter te bekijken.  Mijn vader die woedend opstond doordat ik ook niet in de kleren zat die hij voor me klaar had gelegd. Een kopje dat uit mijn moeders handen kwam viel van schrik in vele stukje op de grond. De muziek die door mijn zusje gespeeld werd haakte af met een lage C. "goeden dag. Vader, moeder, zusje. Ik vertrek naar mijn kamer om te beginnen met mijn huiswerk." er was duidelijk plezier in mijn stem te horen waarna ik door de parel witte gang heen liep naar mijn kamer. Voordat ik de met rood bekleedde trap op liep draaide ik nog een rondje in de gang gevolgd door geschreeuw van mijn vader tegen mijn moeder. Met vrolijke sprongetjes liep ik de trap op naar mijn enorme kamer. Waar ik zoals gewoonlijk weer ging tekenen. Door een windvlaag die tegen mijn gezicht aansloeg keerde ik weer terug naar de realiteit. ik pakte een groene pluk haar die tegen mijn gezicht aan sloeg en legde hem achter mijn oor. Ik pakte het uiteinde van mijn redelijk lange staart en legde met op mijn linkerbeen. Mijn staart had dezelfde kleuren als mijn haar alleen waren die op mijn staart waren anders ingelegd dan mijn haar. "ik ben hier net gekomen. Dus weet ik niet wat hier wel en niet kan. Jij ziet eruit alsof je het hier al redelijk kent. De basis van wat hier wel en niet kan zou ik graag willen weten van jou." overleven kon ik wel. Ik wist alleen niet wat hier eetbaarbaar was en wat je na een paar seconden het zwijgen op kon leggen.

*kugh* slecht *kugh*
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   di mei 15, 2012 3:48 am


'Oké.' Had het meisje met de regenboog gekleurde haren gezegd, die strak in een paardestaart waren gebonden. Dat was dus een neutrale antwoord. Carer, kon het niet zijn. Minder gedoe dus, en ik vermeed alles waar ik veel moeite voor moest doen áls het onnodig was. Anders greep ik al mijn pistool. Een grijns sierde op mijn gezicht. Daarna zou ik deze op de betreffende wezen of persoon richten, en trok mijn vinger wat terug en 'paf'.; een kogel schoot door een vitale orgaan heen en voor mijn gezicht stierf het wezen van bloedverlies. Het enigste wat het wezen nog zou zien, zou mijn grijns zijn. Tragisch einde voor het wezen, maar eten voor mij. 'Ik ben een mens net zoals jij. Mijn haar is vanwege de rijke kakkers famillie waar ik uitkom.' Even hief ik mijn wenkbrauw op, waarna een vieze smaak mijn mond wist te vullen, en mij kotsneigingen gaf. Blergh. Kakker families waren zo... Blergh. Die stomme kinderen van hen kregen alles wat ze wilden; een gouden pop voor een baby van maar één jaar oud. Waar sloeg dat op? In mijn hele leven keken de kakkers altijd op iedereen neer... in welke straat dan ook. Zelfs toen ik maar eventjes langsliep, zonder oogcontact te maken, hoorde ik al een oud deftig vrouwtje haast flauwvallen en het woord 'vies, zwerver, stank, arm'mopperen. De neiging om de keel door te snijden van de vrouw was groot, maar politiemannen omsingelden de straat al. Die rijke stinkerds, hadden altijd zo veel recht. Hun hadden een makkelijk leven, maar gaven niks aan ons. Dan waren wij immers minder arm, en misschien na tijden rijker dan hen. Maar dit meisje tegenover mij was er dus een. Een felle blik kwam in mijn oogleden te staan, terwijl ik mijn vuisten balden en overeind kwam. De ogen van het meisje stonden glazig, dus ze leek diep in een herinnering te zitten. Helaas, leek mijn vuist niet te willen bewegen, evenmin mijn lichaam. Uiteindelijk liet ik de spanning over mijn lichaam vieren, terwijl mijn blik nog fel bleef. Het was een meisje , en ik kon haar niks aandoen. Oude oma's waren een ander verhaal. Maar nog iets liet mij haar niet aanvallen. Was het misschien, omdat ze anders leek te gedragen als een rijkerd? Of nog iets? Ik zuchtte diep, terwijl mijn schouderbladen even naar beneden bewogen. Laat maar. 1 Van de weinige keren, dat ik dat in mijn gedachten wist te plaatsen. Meestal was het 'ja'of 'nee, die grijp ik later wel'. Ik streep altijd de optie 'laat maar'in mijn gedachten door. Toen ik het meisje weer aankeek en zag ik dat haar ogen niet meer zo glazig leken; ze was terug naar de werkelijkheid. Ze legde een groen plukje haar achter haar oren en toen.. Mijn mond viel open. D-Dat was een .. staart? Een paar seconden bleef ik zwijgend naar haar regenboog kleurie staart kijken, terwijl ze wat dingen wilde weten. Maar die staart..

Luid barstte ik in lachen uit, terwijl ik mijn armen om mijn buik heen sloeg. "Hahaha.. Een p-pony.. Staart ... Een échte nog wel..." Wist ik moeizaam te zeggen, door de pijn van het lachen. Pas na enige seconden door mijn neus te ademen, wist ik me te herstellen. Het deed me herinneringen aan die stomme kindershow met allemaal lelijke pony's. Op verscheidene sie's kwamen deze beestjes voor. 1 Verre kennis van mij kende deze ook écht, terwijl ze iets van 18 was. Wat was er zo leuk aan? had ik vaak gevraagd, en ze lachtte al zonder enige betere uitleg te geven.. Met een pokerface had ik toen de plek verlaten, en rende snel richting mijn huis. Waarom ik rende? Ik wilde die gek niet achter me aan hebben. "O-O-Oké.. Hahaha.. Sorry.. O-Oké.. Ik kan je vraag wel beantwoorden.. Pony-beest" Ik plaatstte mijn hande naast mijn oren, en vormde zo pony-achtige oortjes met mijn vingers. "Hii.... Je kan-- Hihihih... Jagen, kleren wassen.. Hihihih... Je hebt hier in de buurt ook een mensendorp... Hihihi.. Brrpff." Terwijl ik sprak, maakte ik paardengeluiden, maar ik hervatte het weer met een normale uitleg, "Daar zijn allemaal simpel gebouwden huisjes, maar zonder TV... Computer, mobieltjes.. Koelkast... Oftewel.." Ik sprong opzij en spreidde mijn armen wijd uit elkaar. "Welkom in de Middeleeuwen!"Al snel had ik mijn handen weer in mijn zakken geplaatst en vervolgde ik. "Nogmaals... Geen luxe." Snauwde ik toe. Ditmaal klonk mijn stem vol haat, maar wist ik dit iets in te houden, maar wel met moeite. Rijke stinkers hadden zelfs de leven van mijn familie zuur gemaakt. En nu stond zo'n rijke kind voor me. Mijn ogen waren weer net zo fel als eerst, terwijl de wind mijn zwart/rode haar langs mijn gezicht liet bewegen. Al spoedig draaide ik me om en liep nonchalant richting de pad die ik eerder wilde nemen. Mijn blik was strak naar voren gericht, en met mijn linkerhand hield ik mijn pistool stevig vast. Ik ging naar huis. Weg van deze leefverpester.
~Nog in de topic :3



Laatst aangepast door Akis op di mei 29, 2012 6:43 am; in totaal 1 keer bewerkt
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   wo mei 16, 2012 8:22 am

de jongen balde zijn handen tot vuisten. waarschijnlijk door mijn zin die bekend maakte dat ik uit een kakkers familie kwam. blijkbaar was het noodzakelijk dat je je naar je familie stijl gedraagde. ik zou dan eerder in een sportieve familie horen dan een rijker kakkers famillie. het enige wat ik deed in ons zo geweldige landhuis met alles waar je van kon dromen was in de tuinen ronddwalen. hier maakte het niet uit of er iets vies werd. daar was eigenlijk alles vies. vooral voor mijn moeder was het vies. als zij de tuin in liep ging ze met natuurlijk afbreekbaare schoenen die na het bezoek aan de tuin de prullenbak in verdwenen. ik droeg gewoon mijn dagdagelijkse schoenen die na mijn bezoek aan de tuin grondig schoon gemaakt werden omdat mijn vader het huis spik en span wilde. dat was goed voor als een van zijn golf vrienden kwam. -die nooit kwamen.- natuurlijk moest ik braaf meewerken als mijn schoenen gepoetst, opnieuw gestrikt en een vies ruikend doorzichtig goedje over zich heen kregen. het goedje deed keurig zijn werk behalve dat het mijn schoenen schoon hield. het enige wat ik er mee deed was ze braaf schoon laten maken. als ik namelijk met mijn modder binnen kwam wandelen kreeg een van onze vele dienstmeiden weer straf. dat is een vreselijk gevoel als iemand omdat jij iets niet wil pijn moet leiden.

de jongen ontspande zijn spieren weer wat betekende dat hij mij geven dreun wilde geven. goed voor ons beide. ik zou waarschijnlijk een blauw oog hebben waarna ik de jongen aangevallen had en een poging deed hem te verslinden. de blik van de jongen stond nog wel vel tegen mij. zijn gezicht veranderde van vel in een enorme schater lach. "Hahaha.. Een p-pony.. Staart ... Een échte nog wel..." zei de jongen terwijl hij zijn armen om zijn buik heen sloeg. ik keek naar mijn staart die rustig op mijn been lag. ''nou en?'' dacht ik geïrriteerd. op mijn gezicht was een blik tussen pokerface en irritatie in. hij zou wel anders kijken als hij er zelf een had. natuurlijk was mijn evenwicht wel beter dan die van een normaal mens om dat mijn paarden staart ook nog wat van alle andere verschillende staarten had. dus ook van verschillende katachtigen. "O-O-Oké.. Hahaha.. Sorry.. O-Oké.. Ik kan je vraag wel beantwoorden.. Pony-beest" hij plaatstte mijn hande naast zijn oren, en vormde zo pony-achtige oortjes met zijn vingers. "Hii.... Je kan-- Hihihih... Jagen, kleren wassen.. Hihihih... Je hebt hier in de buurt ook een mensendorp... Hihihi.. Brrpff." Terwijl de jongen sprak, maakte hij paardengeluiden, maar hij hervatte het weer met een normale uitleg, "Daar zijn allemaal simpel gebouwden huisjes, maar zonder TV... Computer, mobieltjes.. Koelkast... Oftewel.." de jongen sprong opzij en opende zijn armen met een zwaai. "Welkom in de Middeleeuwen!"al snel had hij weer een normale houding aangenomen en praatte verder."Nogmaals... Geen luxe." mijn blik was veranderde naar nog maar irritatie. niet van de onnodige luxe die hier was maar door de opmerkingen van de jongen. nog een zo'n opmerking van hem en hij zal zien dat ik meer ben dan alleen een pony. de jongen draaide zich om en liep weg van de open plek. ''denk jij dat een kakkers kind zijn haar zou zou verven?'' zei ik terwijl ik met mijn vinden naar mijn haar wees. ''zou een kakker deze kleren dragen en zonder angst in dit gras gaan zitten? zou een kakker zich überhaupt zich zo gedragen?'' ik stond zelf ook op en keek mijn mijn hoofd schee naar de rug van de jongen. of hij door zou lopen of zich zou omdraaien en weer iets naar mij toe snauwen maakte mij niks uit. ik wist hoe ik hier moest overleven en mijzelf nu te redden. ''maar weet een ding. een pony is veel minder bijzonder dan ik ben. en niet in het geval dat ik half mens ben en een normale pony niet.'' ik ging weer zitten en keek met een nonchalante blik in de verte achter de jongen. nog steeds zou ik naar zijn strot grijpen als hij weer een opmerking zou maken over dat ik half pony was. nee niet eens half pony. een duizendste pony? ik wist niet eens in wat ik allemaal kon veranderen. kan ik überhaupt wel in alles veranderen of alleen maar in een klein deel?

===========================
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   wo mei 16, 2012 8:47 am


'Denk jij dat een kakkers kind zijn haar zou zou verven?' Klonk er achter mijn rug. Stevig stapte ik door met mijn blik strak naar voren gericht. Kakkers waren allemaal hetzelfde, zelfs als je niet zoals hen gedroeg. Het zat in je genen, en daar bleef het bij. Rijke mensen kregen wat ze wilden, zoals het meisje dat haar en die staart kreeg. Hoe kreeg een normaal mens dat voor elkaar? Ze had zeker ook van alle vrijheden kunnen genieten, en van het feit dat ze werd beschermd door diverse mensen, terwijl de mensen van mijn soort werden afgekeurd op alles wat ons waard was. Hadden we een huis in een rijke buurt, gooiden de rijken vuilnis voor ons huis en stuurden waarschuwingen naar ons dat we de buurt 'verpesten'. Als kleine jochie scheurde ik deze door midden. En wanneer ik naar school ging, en kakker kinderen om mij heen zaten had ik vaak genoeg geprobeerd vrienden te worden, maar of hun, de leraren of hun ouders hielden mij weg van hen. Jarenlang zat ik in mijn eentje in de pauze's op een schommel, terwijl de rijke kinderen vrolijk met elkaar speelden. De pauze werd voor mij een hel. Maar dát meisje dacht anders te zijn? 'Zou een kakker deze kleren dragen en zonder angst in dit gras gaan zitten? zou een kakker zich überhaupt zich zo gedragen?' Ik staakte het lopen en zweeg. "Ja," Snoof ik, terwijl ik mijn kop wat naar voren boog en mijn haar mijn ogen wisten te bedekken. "Die ken ik wel." De jongens die ik in de pauze zag waren met haar vergelijkbaar. Uiteindelijk stelden ze me teleur. Ze begonnen mij te pesten, en wanneer ik voor mezelf op kwam.. Harde stomp op mijn gezicht. Nee, niet van de pester maar van de leraar. Ik klemde mijn kaken steviger op elkaar. Van de leraar? Hoe was het mogelijk. Het was toch de beschermer en vertrouwingspersoon?'Maar weet een ding. een pony is veel minder bijzonder dan ik ben. en niet in het geval dat ik half mens ben en een normale pony niet.' Ik voelde mijn lichaam trillen, van woede. "Shut up!" kraamde ik uit met moeite.

Ik wist me om te draaien, maar mijn rode ogen bleven buiten zicht door mijn rode,zwarte haren. " Jij," Begon ik traag, " Dus je noemt jezelf geen rijkerd, hea? Ook niet een paardbeest iets?" Direct erna zweeg ik. Ze snapte niet wat ik door had gemaakt door haar soort, en zij beweerde anders te zijn? Hoe vaak had ik dat al meegemaakt en gehoord, en daarna onder de wonden naar huis gegaan? Het was zeker een getal boven de 20, of nog hoger? Ik hief mijn kop en mijn bloedrode ogen werden weer zichtbaar, en een kille vuur dwaalde erin. Allemaal vlammen vol haat, teleurstelling en pijn. Luid lachte ik haast krankzinnig, waarna ik weer serieus werd en de vlam direct erna verdween. Ineens was ik kalm. Het was door het besef, dat dit geen school was. Dit was een fantasy wereld. Geen ouders, geen leraren en geen straten. Het belangrijkste was wel het gebrek aan geld. Hier gelde geld niet. Dus arm en rijk bestond niet.

Met dát in mijn achterhoofd liep ik richting het meisje zonder emotie, en liep ik haar voorbij, zonder een blik op haar te plaatsen. Net voorbij haar staart stopte ik, en keek ik haar aan, via mijn ooghoeken. Geen arm en geen rijk... Even keek ik naar mijn hand en mijn andere ledematen die bloedvrij waren. In zo'n korte tijd moest ik al geslagen zijn. Een briesje gleed langs me heen, waarna ik mijn ogen sloot. "De naam is Akis Rin." Het was niet koek en ei, maar ik zou ook niet direct haar staart eraf rukken en haar doden. Kennis. Ja, daar kon ik het op houden. Mijn ogen had ik weer geopend, en keek toen recht in haar ogen. "En jij?" Vroeg ik droogjes. Rare ontmoeting was het wel.
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   zo mei 20, 2012 7:38 am

"Ja,' snoof de jongen. "Die ken ik wel." de jongen kende blijkbaar nite de soort waar mijn familie in hoorde maar de zogenaamde 2e groep. voor de duidelijkheid. de 1e groep was de thee leutende, golf spelende, kleren zijn o zo belangrijkehuizen kopende mensen. de jongen kende waarschijnlijk de 2e groep. de groep die aan iedereen overdreven liet zien hoe rijk en belangrijk ze waren. vooral de kinderen uit deze groep deden dat. ze hadden altijd het duurste en het mooiste en stampen iedereen daar de grond mee in. letterlijk en figuurlijk. de jongen draaide zich om en had zijn hoofd naar beneden gericht waardoor zijn ogen niet zichtbaar waren. een veel aangenomen houding bij boze mensen. meestal volgde na deze houding een paard woorden en dan kalmte of juist meer woede. " Dus je noemt jezelf geen rijkerd, hea? Ook niet een paardbeest iets?" hier waren de woorden. ''nee.'' zei ik kalm. ik lette op de handen van de jongen of ze iets wilde geen grijpen omdat de jongen misschien nu de nog meer woede kreeg. de jongen was trouwens niet de enige met haat. nog steeds wil ik de vrouw grijpen doe mij dit aan gedaan heeft. mij nu gemaakt heeft tot wat ik ben. het dier veranderen is wel leuk enzo. alleen die staart. telkens moest ik mijn broeken kapot knippen en tegen mijn ouders zeggen dat hij afneembaar was zodat ze net boos zouden worden dat ik alweer een broek had verknipt. even sloot ik mijn ogen. waarna ik recht in de bloed rode ogen van de jongen keek. ze zaten vol met woede, haar en teleurstelling. dezelfde blik die ik had bij het zien van mijn staart. ineens begon de jongen luidruchtig te lachen. netzoasl vele mensen deden in het opvanghuis richting mijn school. niet iedereen was hier 100% waardoor sommigen nog wel een door draaiden. ik spande mijn spieren aan en bereidde me voor op de woede die zou komen. kalme zou je niet zo snel verwachten na een krankzinnige lach. tot mijn verbazing werd de jongen serieus na zijn lach. met een wenkbrauw opgetild keek ik de jongen aan. de jongen liep rustig naar mij toe. door ervaring van mijn oudere zus wist ik dat ik mijn spieren moest aanspannen om een uithaal van hem te ontwijken. weer tot mijn verbazing liep de jongen lang mij en stopte hij net achter mij. "De naam is Akis Rin." ik keek de jongen aan. vreemd? van pure woedde stond hij ineens kalm naast mij en stelde zich voor. de jongen draaide zijn gezicht richting de mijne en vroeg naar mijn naam. ''pelangi.'' antwoorden ik. ik stond op en draaide me richting de jongen die dus akis rin heette. rin was denk ik zijn achternaam waardoor ik ook maar mijn achternaam zou gaan gebruiken. ''pelangi van de aurora herberg.'' een kleine bries liet mijn ontspannen staart opzei waaien. ''jij kent zeker de groep kakkers die zich alles voelen?'' vroeg ik. ''mijn familie hoort daar niet bij waardoor ik inderdaad anders ben. alleen waarom werd je ineens rustig na die lach?'' mijn roze/rood kleurig ogen keken vragend naar de jongen. mijn rode sneakers waren groen geworden door het gras waar ik eerder doorheen rende. ik deed er niks aan en liet mijn staart rustige golfjes maken. recht omhoog kon ik hem niet zetten door het paard gedeelte dat erin zat. en ik liet mijn staart ook niet in zo'n lelijke krul staan zoals blij galopperende paarden goed. dat zag er nog raarder uit dan een meisje met een staart. ik merkte dat ik nog een appel in mijn zak had en haalde hem eruit. ''heb jij iets om hem door midden te krijgen?'' vroeg ik aan de jongen terwijl ik de rode appel met gestrekte arm aan akis wilde geven

dat schuine stuk klop alleen als hij zijn achternaam ook zei xd
en ik vind het nog een best lang stuk terwijl ik 3x mijn post heb verwijderd^^

===========================
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   zo mei 20, 2012 8:44 am

'Pelangi.'Dat bleek de naam van het meisje te zijn die van een kakker familie kwam. Eerlijk gezegd, verwachtte ik een 'Leanette'of een'Suzanne'. Maar deze naam was erg apart en had ik nog nooit gehoord, zelfs niet eens in een krant, website of via vrienden. Zij was zeker de enige Pelangi, dat moest wel. Maar ik kon niet te snel conclusies trekken. Pelangi stond op, en keek me recht aan met haar roze/rood kleurige ogen. Mijn rode ogen trok ik even tot spleetjes. Mijn handen jeukte van woede. Zat ik zo kalmpjes met een rijke stinkerd te praten? Hoe was dat mogelijk? Ik was verrast van mijn eigen actie, maar misschien was dit beter. Beter dan door ruzie te maken en te vechten met.. een meisje. Ik wilde niet mezelf zo verlagen. 'Pelangi van de aurora herberg.' Stelde ze zich voor, nu met de achternaam erbij. Ik trok een vies gezicht. Nogmaals vroeg ik me af, waarom ik naar haar luisterde, en haar niet sloeg. Een kleine bries, bewoog zich langs me. Wind? Het was opvallend waaierig vandaag, maar we waren ook op een onnozele grasveldje. Ik zuchtte diep. Gewoon random uit vermoeidheid. Het kostte energie om die woede weg te stoppen.

'Jij kent zeker de groep kakkers die zich alles voelen?'Begon Pelangi, opeens maar mijn aandacht had ze wel. Ik knikte naar haar. De herinnering van de politie, de oude vrouw die mij afkeurend aan keek. Oef, nare herinneringen en vooral pijnlijke. Die van mijn schoolleven, kwam ook in me op en ook hoe zwaar mijn lichaam was na elke schooldag. Maar weekenden waren hemels, zolang ik lekker thuis was met goede vrienden. Even speelde een glimlach van die ene herinnering op mijn lippen, maar snel sopte ik deze weg. Ze zou zeker het vaag vinden, dat ik ineens moest glimlachen. Vlug wist ik het gesprek te hervatten door duidelijk naar haar te knikken. 'Mijn familie hoort daar niet bij waardoor ik inderdaad anders ben. Alleen waarom werd je ineens rustig na die lach?' Gelukkig, haar familie was anders. Maar nog steeds... Rijke waren rijke. Ondersoorten kon je maken, maar het bleef dezelfde, stomme mensen. Ze hadden veel geld en keken op anderen neer; de basis kenmerken van hen. Maar wat vroeg ze erna? Ik was weer in mijn verleden gedompeld, en moest me weer omhoog hijsen naar het heden. Ze vroeg naar de reden, waarom ik kalm werd na de lach. Welke lach bedoelde ze? O-Ow wacht, dié lach. Ik keek direct weg. Reden? "Iets onbenulligs," Zei ik zachtjes, waarna ik Pelangi weer aankeek met een kalme blik. "Echt niets hoor. " Loog ik. Het voelde slecht, maar de échte reden, buiten 'school'wist ik niet.
Ineens hield Pelangi een appel voor mijn geschikt. Direct hief ik mijn wenkbrauw op, en gleed mijn blik van de appel naar Pelangi. Wat wilde ze dat ik ermee deed? ''Heb jij iets om hem door midden te krijgen?'Door midden halen, hea? Kijk dat was een vraag, waar ik wel een antwoord op had. Mijn hand liet ik in mijn broekzak glijden, en ik viste een kunai eruit. 'Hiermee moet het lukken." Grijnsde ik, en haalde de kunai voorzichtig door de appel door, waarna deze in 2 helften raakte verdeeld; 2 gelijke helften. Stevig hield ik de ene helft van de appel vast, en gaf de andere nonchalant aan Pelangi. "Waar heb je deze vandaan gehaald? Er zien geen appelbomen in de buurt.' De appel at ik nog niet, want ik vestigde mijn blik op het meer. "Zullen we eens... vissen?" Ik vergat de tijd. Eigenlijk moest ik al in mijn huisje zitten, maar vandaag was het eens wat anders.


Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   ma mei 21, 2012 6:09 pm

"Iets onbenulligs," ik tilde even mijn hoofd op gevolgd door een kleine ja knik. "Echt niets hoor. " even dacht ik dat Akis verlegen zou zijn. Door de kalme blik, zachte stem en zoor zijn antwoord zijn hoofd weg te draaien. Demgedachtes verdwenen weten toen ik weer aan zijn woede dacht. We waren bijde voor elkaar een soort vijanden. Hij met het wapen dat gij bij zich had en ik met mijn 'krachten'. Toch hebben we elkaar gespaard. Waarom de jongen mij spaarde snapte ik niet. De woede die ineens weg gleed en veranderde in een begroeting. Ik had hem niet aangevallen omdat hij het ook niet bij mij deed. Het zou gek staan als ik hem wel had aangevallen en Akis nog levend was na de aanval. Hij zou mijn gespaard hebben ondanks dat hij een hekel heeft aan kakkers en ik val hem nog wel aan vanwege wat stommen paarden opmerkingen. Akis nam de appel van mij aan terwijl hij een zwart voorwerp uit zijn zak had gehaald. Verbaasd keek ik ernaar hoe hij de appel in twee gelijke helfden sneed. Het wapen leek op een soort ijsje aan een langer stokje met een ring eraan. Helemaal zwart en met een handvat tussen het ijsje en het ringetje. Ik pakte de halve appel van Akis aan en nam er een hap van. Net zo vris als vanochtend was hij Nietmeer maar nogsteeds lekker. Waar heb je deze vandaan gehaald? Er zien geen appelbomen in de buurt.'' ik keek op van mijn appel naar Akis. "ik had vanochtend een appel mee naar school genomen voordat ik hier belandde." ik nam nog twee happen voordat ik weer een vraag moest beantwoorden. "Zullen we eens... vissen?" een kleine glimlach verscheen op mijn gezicht. Vissen had ik vaak gedaan in de enorme vijver die in mijn famillie tuin stond. Steeds werden er nieuwe vissen in gegooid omdat denderen zogenaamd altijd gestolen werden. "oké." wei ik terwijl ik naar het meer keek. Het was groot genoeg om zelf als roofdier doorheen te zwemmen. Dan kon ik ook hier even met mijn 'krachten' spelen.ik zou het later wel uitleggen als Akis er naar gaat vragen. Ik liep alvast richting het meer waarna ik Echternach keek. "hoeveel van die speeltjes heb je eigenlijk?" ik stopte met lopen en draaide me nu helemaal om. Het kabbelende water van het beekje at aan het mee raast zat was hoorbaar vanaf hier. Het gaf een rustgevend gevoel maar het was ook een weg voor vissen om naar het meer tegaan. Dit beekjemoest dus zo afgesloten worden dat er nog wel een ingang is maar geen uitgang. De ingang van een visnet maakte ik altijd na. Een trechter met de punt naar het meer gericht. De vissen konden er nog wel in maar waren e dom om eruit te komen. Nogsteeds stond ik stil te wachten totdat Akis ook mee zou gaan.

===========================
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   di mei 22, 2012 6:11 am

Pelangi keek op van de helft van de appel die ik in mijn hand vasthield. De schil ervan voelde stroef en warm. Het voelde best oud aan. Maar het kon ook aan de warmte liggen. 'ik had vanochtend een appel mee naar school genomen voordat ik hier belandde.' Kort snoof ik en nam ik een paar happen van mijn helft. Al was de buitenkant best goor; de binnenkant was smaakvol. De stukjes appel verzamelden zich in mijn mond, en ik nam even de tijd om van de smaak te genieten, waarna ik deze doorslikte. Jum, appels. Die vond ik altijd lekker. Vooral met een glazuurlaagje eromheen, zoals op de laatste dag van de basisschool. De overige stukjes van de appel hield ik nog in mijn handen vast. De laatste dag van de basisschool was heerlijk, maar ook 1 van de meest vreselijkste. Ik kwam vroeg het schoolplein aangelopen om écht van het feest te kunnen genieten, voordat de rest kwam. Een gesprek had ik met mijn leraar gehouden, en ineens gaf ze me een appel met een laagje glazuur erop, Licht verrast had ik deze opgegeten en had ik een goddelijke smaak in mijn mond. De leraar zei dat alle docenten mij hadden gewaardeerd om het feit dat ik de hoogste cijfers haalde, en anders was dan de rest. Maar toen kwamen de rijkerds weer mijn dag vergallen. Ze vroegen om de leraar z'n aandacht en hadden onze gesprek afgeluisterd. Mijn leraar weer onnozel doen. Maar die appel, had ik op tijd opgegeten en ben ik nooit meer vergeten, zelfs na al die jaren niet. De laatste resten van de appel beet ik door stukken, en slikte deze door. Yumm.. Appels.

Een glimlach verscheen op Pelangi's gezicht toen ik uitgegeten was. Was dit haar reactie op het 'vissen'? Blijkbaar had ze leuke ervaringen met het vissen, terwijl ik het elke dag droogjes deed. In het begin was het wel leuk geweest, om de vissen bang te maken maar het begon in mijn nadeel te werken, dus tja. Moeilijker, maar niet al té moeilijk voor me. Zo bleef het ten minste nog afwisselend, wanneer ik een vis mistte. Met mijn rode ogen, keek ik Pelangi weer recht in de ogen aan. Wat hield deze ervaring bij haar in? 'Oké.' Zei Pelangi terwijl haar blik op het meer gevestigd was. Een grijns speelde op mijn lip. Oeh, ze loerde al als een roofdier tegenover het vis. Kort grinnikte ik om mezelf. Best een droge gedachte, maar ik zag het al voor me. Al bleef die regenboogstaart erin voorkomen. Het was wennen met die regenboogstaart die op en neer hupte. Ze liep al naar het meer. Duidelijk had ze er zin in. Té duidelijk. Droogjes greep ik mijn kunai wat steviger vast, en wilde deze net weer in mijn zak stoppen, toen Pelangi ineens wat vroeg. 'Hoeveel van die speeltjes heb je eigenlijk?' Kort keek ik op, terwijl ze even stopte met lopen en die staart even uit het zicht was. Als een kleine kleuter greep ik de kunai wat verlegen vast. Kende ze dit niet? Ach, wel logisch. Rijk, enkel pistolen. Met kunai's kon je voor je leven vechten en met pistolen was het *shot* DEAD. Zo irritant.. " Zelf gemaakt. Het is een oude Aziatische wapen." Antwoordde ik met een grijns, en liet mijn vinger langs de platte kant van de kunai glijden, waarna ik deze voor mijn gezicht hield, met de punt richting Pelangi. "Handig om elk wezen dan ook te verwonden of.. Doden," Mijn vinger liet ik door de ring glijden en liet de kunai wat rondjes om zijn as draaien, waarna ik deze vastgreep en simpel in mijn broekzak had gestopt, en toen richting het meer toeliep.

Door een snelle pas in te zetten, wist ik het meer spoedig te voet te bereiken. Net bij de oever remde ik stevig af met mijn zwarte gympen, en greep ik haast direct mijn kunai, terwijl mijn blik op het meer iets roofdier-achtig leek te hebben. In 1 beweging doorboorde ik mijn kunai door een vis die zich te dicht bij de oppervlakte begaf. Het spartelde nog eventjes, terwijl de kunai door zijn vitale organen stak, maar dat was spoedig voorbij. Bloed droop uit het vis, en mijn vest was een beetje rood gekleurd en nat geworden, doordat ik mijn arm door het water moest steken. Even keek ik om of Pelangi eraan kwam. Maar al spoedig hurkte ik over het water, met de kunai die ik naast me had gelegd, waarin de vis vast zat en dood was. Met een grijns keek ik oer het meer. Veel waterwezens leefden hier, en ze kenden me al. Maar soms wilde 1 vis een poging wagen dat de schaduw 'lief'was. Dit was namelijk ook een drinkplaats, en nog steeds. Het werd wel nu minder gebruikt. Door wie zou dat toch komen? Mij! Nogmaals gleed mijn blik over het vis dat nu dood naast me lag. Zo, dat was al één vis. De rest was om Pelangi te plezieren.
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   vr mei 25, 2012 8:16 pm

Whoeeee ik ben een junior~

vele verlegen trekjes had de jongen. van een simpele vraag tot een vraag die meer antwoord gaf op zijn karakter. zelf kende ik ook zo'n jongen. de enige jongen die niks zei over mijn staart. niet alleen omdat hij verlegen was maar ook mijn vriend. mijn enige vriend die het niks uitmaakte dat ik rijk was. hij was kleiner dan mij en had middel lang haar om zijn ogen achter te verbergen als hij weer eens gepest werd. heel sterk was hij niet en zijn kleding stijl was vrij normaal. ene simpel broek en shirt vond hij genoeg. geen gel, ringen, kettingen en andere dingen zoals petten. dat was ook een reden waarom ik hem liever als vriend had. het boeide hem niks hou hij eruit zag. niet alleen omdat hij slechtziend was maar ook omdat hij niet met rages mee ging. in de tijden dat iedereen een pet droeg liep hij nog steeds met zijn middel lange haar rond. ik sta nog steeds bij hem in het krijt. hij heeft mij zelf ook geleerd om niet te veel meer om mijn staart zorgen te maken. eerst dacht hij dat het gewoon een nep staart was toen hij er voorzichtig naar vroeg was hij verbaasd over mijn antwoord. - voor zo ver zijn gezichtsuitdrukking kan veranderen.- dat hij hoorde dat ik vervloekt was had hem een tijdje van mij verstootte totdat hij zag dat ik weer eens gepest werd met mijn staart. een aantal mensen die mij te vriend wilde houden omdat ik rijk was en naar hun feestjes moest gaan probeerden mij te helpen terwijl ik stond te koken van woede. ineens sprong mijn vriend voor me -hij heeft nooit zijn naam aan mij verteld.- voor me en schreeuwde vele voorden naar de kinderen die mijn uitlachte. vol verbazing stond ik naar mijn pratende vriend te kijken. hoe zijn woorden de kinderen betoverde en hen liet ophouden. het was dan maar voor een paar dagen maar na die woorden van hem beschouwde hij zich weer als mijn vriend. samen brachten we de dagen door en leerde we elkaar onze vaardigheden aan. ik leerde hem overleven en hij leerde mij hoe ik met mijn afstamming om kon gaan. hij leerde wel vee sneller dan ik en kon dus al snel overleven terwijl ik nog maar op de helft met het omgaan was. bijna aan mijn einde was ik. bijna was ik er klaar voor. alleen dat portaal waar ik perse doorheen moest vallen tijdens het jagen hebben alles verpest. hij heeft het zoeken ook al vast opgegeven. ik keek even omhoog en zuchtte waarna ik mijn hoofd even liet hangen. mijn staart maakte nog een golf beweging en hing daarna slap aan mijn lichaam vast. " Zelf gemaakt. Het is een oude Aziatische wapen." ik keek even op. oja, mijn vraag hoeveel hij van die speeltjes had. even liet ik een glimlach zien terwijl akis de punt naar mij had gericht en daar met een grijns stond. "Handig om elk wezen dan ook te verwonden of.. Doden," akis speelde nog even met zijn wapen en stopte het later weer weg. door de snelle passen die akis zette was hij al snel bij het meer. even bleef ik nog wachten op mijn plek voordat ik naar het meer ging. eerst mijn vriend uit mijn hoofd zetten.

voor een smal beekje dat aan het meer lag hield ik halt. ik keek er eerst naar hoe akis een vis vind om te weken hoe ze zouden reageren. ik zag er zelf niks anders aan dan hoe ik mensen ook in de 'normale' wereld heb zien vissen. -eerder jagen op ze.- ik deed een paar stappen achteruit en rende vervolgens recht op het beekje af. voor dat mijn voeten het water ook maar konden raken sprong ik de lucht in en dook als dolfijnen meestal doen. nog net voordat mijn handen het water raakte veranderde mijn lichaam in dat van een vis. en zwaardvis op precies te zijn. door mijn jonge leeftijd was ik nog niet zo groot en zwaar als een normale zwaardvis wat mij sneller maakte in het water. de tactiek die ik nu zou gebruiken gebruikte ik ook vaker bij het jagen op vissen op aarde. ongezien zwom ik tussen de vissen door die zich niks van mij aantrokken. rustig zwom ik naar het meer toe en mende mij met een kleine school vissen. ontspannen zwommen wij een paar rondjes door het meer totdat de hel voor hun zou komen. ik schoot in de school naar Vooren en reek twee vissen aan mijn 'neus.' de hele school was uit elkaar gevallen en zwom nu vol paniek door het water. ik zwom naar het water oppervlak en sprong en uit. in een soepele beweging sloeg ik de vissen van mijn neus af en belandde naast akis. nog net kon ik de bissen zien vallen voordat ik het water weer in dook. de school die al weer rustig was gewonden zwom weer rondjes door het meer. me samenvoegen met de school kon niet meer. tenzij de vissen een slecht geheugen hadden. ik zwom tot onder de schol vissen en wachtte totdat ze precies goed zaten. even duurde het voordat ik het had opgemerkt dat de school vissen steeds de plek ontweken waar ik zat. ik zat veel dieper dan hun en in donker water. ook door mijn donkere schub kleur was ik moeilijk te zien hier. te laat had ik het door dat twee gele ogen op mij loerden. de twee ogen schoten vooruit en kregen een lichaam. wat voor wezen het was dat op mij afschoot kon ik niet zien voordat hij zijn tanden in mijn vind had gezet. ik probeerde mijn neus richting de vis te werpen. helaas was mijn lichaam niet zo lenig en probeerde de vis met al zijn kracht mijn vin van mijn lichaam af te rukken. vele pijnschoten drongen door mijn lichaam heen. het lukte om met mijn vind de vist van mij weg te slaan. samen met mijn vin. door de pijn die door mijn hele lichaam gleed veranderde ik weer in een mens. de vis die mijn vin eraf had getrokken zwom nog een keer op mij af. als ik niet onderwater zat zou ik gillen van van en weg rennen. maar hier was ik niet de snelste. door mijn paniekerige gedachtes veranderde ik in een schildpad. ik trok mezelf terug en liet alles op een rijtje komen. de vis was nu de vijand van mij. ik moest dus zijn vijand worden. welk wezen is van bijna alles de vijand? na nog enkele bonken op mijn schild wist ik het. de mens. het wezen dat voor zowat alle dieren de grootste vijand is. niet een leeuw of een haai. maar de mens. een grijns verscheen op mijn schildpadden gezicht waarna ik direct na een harde bonk op mijn schild in en mens veranderde. de vis zwom recht naar mijn boven been toe waarop ik als reactie begon te zwemmen. zwemmen zo snel als ik kon ik mijn mensen lichaam. in plaats van dat de vis zijn doelwit raakte had hij zijn tanden in mijn enkel gezet. ik opende mijn mond en probeerde te schreeuwen. water drong mijn longen binnen waardoor ik de vis snel moest zien kwijt te raken. met mijn handen greep ik de vis bij zijn staart en kop vast en weerhouden hem ervan om te spartelen.door de grootheid van de vis kon ik met hand niet om zijn keel heen sluiten om zijn luchtwegen af te sluiten. ik liet de vin los en sloot beide handen om de vissenkop heen. ik voelde hoe het water op mij begon te drukken en snakte naar adem. nog heel even en de vis moest zich wel los laten. daarna zou ik zo snel als ik kon het water weer uit komen. ik had geluk en de vis liet mijn enkel los. mijn lichaam veranderde weer tot dan van nu een simpele zalm en ik zwom naar boven. ik sprong het water weer uit en veranderde in de lucht weer tot mens. met een plof landde ik schuin achter akis in het gras en bekeek mijn wond. ik drukte even op de wond en voelde direct een steek door mijn hele lichaam heen gaan. ik drukte mijn kaken op elkaar en sloot een van mijn ogen. mijn borstkast ging snel heen en weer door de lucht die ik nu eindelijk in mijn longen kon krijgen. ik deed mijn vest uit scheurde er een mauw vanaf. ik bond de mouw om mijn enkel heen zette wat gewicht op mijn enkel. weer een pijnscheut door mijn lichaam heen. ik kon mijn mensen lichaam niet meer gebruiken dus. ik veranderde mezelf in een hond en keek of ik in deze vorm geen last had van mijn enkel. een opgeluchte zucht verliet mijn bek waarna ik rustig ging zitten.

===========================
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   di mei 29, 2012 6:24 am

{Korte post... Sorry, heb het nog druk D:}

Spoedig zag ik de regenboog kleurige pony verschijnen, die nu zou vissen. Ik bleef haar zo noemen, zo lang ze het niet kon horen. Anders sloeg een meisje me en dat kon ik helemaal niet toelaten als jongen; ik had mijn trots. Als jongen kon je meisje niet slaan en vice versa. Het was beiden negatief. Grom, waarom was dat nou zo? Dan werden meiden beter beschermd door jongens, terwijl sommige meiden écht een klap verdiende. Ik liet een zucht tussen mijn lippen ontsnappen, terwijl ik mijn vis vastgreep en er even naar keek. Het was een dikke, lekkere vis, maar ik had geen trek. Dat was vreemd. Maar ik moest eten! Ik sperde mijn mond open, maar wist de vis niet in mijn mond te krijgen. Nogmaals zuchtte ik. Ik had echt geen trek. Ook waren mijn gedachten ineens geordend. Het voelde zo raar, maar ik kende dit gevoel. Er zou iets gebeuren. Toen pas keek ik naar het meer, want het leek me logisch dat daar wat zou gebeuren en dát klopte. Een enorme zeilvis schoot door het water en had moeite om de vis te grijpen. Ik wist niet of het Pelangi was, omdat ik dacht dat ze ergens om het meer stond en er niet letterlijk 'in'zat.

Maar voordat ik het wist, schoot Pelangi uit het water en zag ik nog wat lichaamsdelen net veranderen van een visachtige naar die van een mens. Verbijsterd keek ik op. Oké, ze leek veel op een pony, maar was ze...Was zij die zeilvis van net? Wow... Scared. Zwijgend bleef ik zittend met mijn vis. Wat moest ik doen? Al spoedig zag ik dat Pelangi een deel van een vest aftrok en deze om haar enkel deed. Ik kneep mijn ogen tot spleetjes. Ze was zwak. Voordat ik het zou weten, zouden die wezens haar opjagen en had ik overtollig voedsel. Verslagen keek ik naar de lucht. "Waarom?"Zei ik, terwijl ik weer naar Pelangi begon te kijken.Het was meer tegen mezelf bedoelt, vanwege het extra werk dat Pelangi met zich meebracht. Maar voordat ik het wist zat er nu een hond voor me. "Woef!" Antwoordde ik droog maar van binnen was ik verrast dat ze zelfs in een hond wist te veranderen. Zeker vanwege die wond. "Kan je lopen met die wond?" Vroeg ik. Ze was tenslotte zwak, en het begon donker te worden, want de warmte van de zon zwakte af. Misschien dat we dan een veilige plek konden zoeken. "Trouwens, hoe ligt.. dát!" Terwijl ik met een dramatische blik richting haar hondenvorm wees. Als zij in een zeilvis, pony, mens en in een hond kon veranderen.. wie weet dan ook in een wezen. Dan was het sowieso veiliger. Toch?
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   zo jul 08, 2012 8:43 am

mijn vorige post. zo.... zo.... zo..... groot 0.0

"Woef!" mijn vrolijke lelijk ingekleurde kop schoot omhoog. mijn vacht leek wel ingekleurd te zijn door een kleuter. hier wat groen, dar wat geel, hier een paar stippen rood. dat ik dit uiterlijk ooit kon vergeten. ik zuchtte en kon mijn vrolijke staart niet stil houden. mijn neus werd volgestopt met geuren die overal vandaan kwamen. van simpele grassprietjes tot enorme eiken vol met eekhoorns. van kleine ratten tot grote draken waarvan ik niet eens wist dat ze bestonden. bijna wilde mijn lichaam opstaan om die eekhoorns te gaan zoeken. als ik niet snel rustig werd kon ik niet in een rustiger dier veranderen. een kat ofzo. "Kan je lopen met die wond?" de woorden van akis maakte mijn lichaam even nieuwsgierig dus rustig. snel veranderde ik een wezen waarvan ik niet wist wat ik geworden was. pas bij het zien van mijn armen wist ik wat ik was. grote bruine vol veren belegde armen zag ik voor me. bij het geluid dat mijn snavel verliet was ik even verrast. een hoge pieptoon galmde door de lucht. ik spreed mijn vleugel en voelde de wind er onder zich verzamelen. met een rustig sprongetje vloog ik omhoog. tot ver boven akis stopte ik. rustig liet ik mezelf weer dalen. totdat ik op een staan schuin voor akis zat. ''als ik niet in mijn normale lichaam zit kan ik lopen, zwemmen of vliegen zonder probleem. op miin zwaardvis en hert lichaam na, die zijn ook gewond.'' "Trouwens, hoe ligt.. dát!'' een vreemde zin maar simpel genoeg om te verklaren. ''ik ben vervloekt.'' een simpele zucht verliet mijn neusgaten. ''waarom en door wie? geen idee. ik werd wakker in het lichaam van een hert en werd nogal ruw het huis uitgestuurd. een paar dagen leefde ik in het bos waarna ik ontdekte dan ik ook gewoon weer mens kon worden.'' ik veranderde in een machtig groot ros. lange manen die netjes aan een kant hingen. van dit lichaam hield ik het meest. dit lichaam zag er nog het meest normaal uit. een simpele oranje vacht met rode aftekeningen en manen in de meest prachtige kleuren. ''ik kan alles worden. vogels, herbivoren, carnivoren, vissen, insecten. noem maar op! als het bestaat kan ik het worden. met opgeheven voorbenen draafde ik om akis heen. het 6e zintuig dat volgens velen het paard had begon te tintelen. ik keek om me heen en zag in de verte een donker gekleurde wolk. niet alleen vol regen en onweer maar ook vol met wezens die ik nog nooit heb kunnen zien. ''vlug!'' hinnikte ik. ik draafde naar de achterkant van akis en stopte mijn nek tussen zijn benen. in en snelle beweging deed ik mijn nek weer omhoog. of akis zou omhoog gaan samen met mijn nek en op mijn rug landen of hij zij naar voren vallen op het gras. mijn lichaam begon te dribbelen door het gevaar dat snel naderde. stom vluchtdier galmde door mijn hoofd heen.

you are this bad?!


===========================
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   zo jul 08, 2012 9:41 pm

De rare hond dat duidelijk Pelangi was, veranderde qua gedrag. Eerst reageerde de hond hyper en nu was deze ineens rustig? Oké, honden zijn raar, of lag het aan Pelangi? Ik kende haar toch nog niet zo goed, dus kon ik nu al zeggen dat ik sommige gedragskenmerken normaal waren voor haar. Ze was eigenlijk al raar om regenboogharen te hebben en steeds van lichaam te wisselen. Dezelfde vragen spookten weer in mijn hoofd, zoals 'ben je een wezen?'. Ik had een onduidelijk antwoord gekregen. Ik bedoelde maar dat ze wel had verteld, maar ik het nog steeds vaag vond klinken. Zat er nog iets achter dat ze mij niet had verteld? Kort keek ik weer naar de hond. Dat moest wel zo zijn. Je moest immers niet iedereen je geheimen toe vertrouwen, dus waarom tegen mij? Ik was namelijk niet écht te vertrouwen, volgens velen. Die rijke kinderen zaten dat ook telkens te zeggen. Stevig klemde ik mijn kaken op elkaar. Grr.. die rijke kinderen. Ow wacht, die hon-..herstel, Pelangi was er één. Een luide zucht sloeg ik. Mijn zucht klonk vol frustraties, waardoor ik me wist te kalmeren. Nog steeds accepteerde ik die rijke kinderen nog niet, na al die ellende. Maar Pelangi was toch .. anders. En over 'anders'gesproken. Toen ik haar weer aankeek was ze weer qua lichaam veranderd. Ik kon er nog steeds niet aan gewend raken, dat ze van lichaam kon veranderen. Het was dan ook zo'n raar gezicht. Een bruin gekleurde vogel stond ineens recht voor me, zijn vleugels te bekijken. Oké, dat was pas ironisch. Wist ze niet wat ze was? "Trololo.."zei ik droogjes, maar wel zachtjes. Even keek ik weg van de vogel, maar in een flits zat ik niet meer in de zwakke zon, maar in een schaduw. Droog keek ik omhoog, naar een enorme vogel die net naast me neerplofte. Waar was dat goed voor? Oja, vogels. Ze deden random dingen en de beste voorbeeld was de duif. Die faalden enorm. Ik legde kort mijn kop in de palm van mijn hand en sloot mijn ogen erbij. Gatver, duiven. Of nee, meeuwen! Nog erger. Ik trok mijn arm terug en keek met mijn rode ogen weer richting Pelangi. 'Als ik niet in mijn normale lichaam zit kan ik lopen, zwemmen of vliegen zonder probleem. op miin zwaardvis en hert lichaam na, die zijn ook gewond,' Legde ze ineens uit. Even keek ik op. Wow, dat was best cool. Maar er kwam een nieuwe vraag in mijn gedachten. Konden die lichamen zich ook genezen? Dat was wel zo handig, en zo ja, kostte het veel energie? Ik slaakte weer een zucht. Zo raar.

'Ik ben vervloekt,' Mijn ogen werden groot. Dat was dus wat ze schuil hield. Maar... Waarom durfde ze het om mij het te vertellen? Ik bleef haar zwijgend aankijken, terwijl ik me overeind hees en enkele natte grassprietjes van mijn broek afveegde. Met mijn blik gerustellend op haar gericht, wachtte ik op haar verhaal. 'Waarom en door wie? Geen idee. Ik werd wakker in het lichaam van een hert en werd nogal ruw het huis uitgestuurd. Een paar dagen leefde ik in het bos waarna ik ontdekte dan ik ook gewoon weer mens kon worden.' Kort fronste ik. Hé? Dat was best een raar verhaal. Het beeld wat ik in het begin van haar had als rijke kind, verdween al spoedig. Dit was een vervloekt kind. Ze verwachtte zeker een antwoord, maar hoe moest i erop reageren? Het was een bizar geval. Toen stond er ineens een paardachtige voor me, die er best mooi uit zag. Mijn mond vormde zich tot een streep. Waarom bleef ze geen vogel? 'Ik kan alles worden. vogels, herbivoren, carnivoren, vissen, insecten. Noem maar op! Als het bestaat kan ik het worden,' Legde ze verder uit. 'Du ook fantasiedieren' kwam in mijn achterhoofd op. Die dan ook? Want ze zei 'als het bestaat kan ik het worden'. Dus twijfelde ik sterk, aangezien die fantasiedieren hier wel leefden en op Aarde niet. Terwijl ik een antwoord probeerde te vinden, draafde ineens het paard om me heen. Luiid snoof ik geërgerd. Waarom.. serieus? Ineens draven. Dit werd vager en vager. En ik dacht zelfs na! Man, dit was raar. Voordat ik het wist, schoot een paardenkop tussen mijn benen door. Een lichte bloos verscheen op mijn gezicht. "Hé, niet in die Buurt..Aahh!!"terwijl ik waarschuwde werd ik op de rug van het paard geslingerd, waarna Pelangi wegdraafde. Niet begrijpend keek ik naar boven en wreef met mijn hand over mijn pijnlijke rug. "Pelangi ?! Waarom nou?"luid snoof ik, waarna ik naar de lucht keek en mijn gezicht bleekjes werd. "Ow, gheghe,"zei ik zachtjes, terwijl de donkere wolken aankwamen. Bijna viel ik van het paard af, dus greep ik de nek extra goed vast en voelde de wind langs me heen glijden. "Hup! Pelangi,"Moedigde ik haar aan, terwijl ik een veilige schuilplek zocht. Een grot verscheen in mijn zichtveld, waarna ik voorzichtig wat naar links hing, als teken dat Pelangi die kant op moest gaan, omdat er verderop een grot lag tussen 2 enorme bomen. Deze dag klopt voor geen meter. "Grot in zicht!"
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   ma jul 09, 2012 8:18 am

niet al te zacht landde akis op mijn rug. luid snoof ik met mijn hoofd omhoog en mijn oren in mijn nek. ik mocht dan wel een euhh. hoe heet een vrouwelijk paard ook alweer? ehm, merrie toch? goed, verder met mijn zin. ik mocht dan nu wel ene merrie zijn maar ik leek meer op een... ugh, zelfde probleem. mannelijk paard is een? ... waarom doe ik nou moeilijk? doe het gewoon simpel. ik gedraag me als paard gewoon meer naar het andere geslacht. je kon het beter aan mijn zusjes vragen. die waren helemaal gek van paarden en wisten er alles van. met het dagelijkse gezeur of ze een pony mochten. waar uiteindelijk een ja op kwam. en natuurlijk, direct naar een fokker en terug komen met ene veel te groot wit paard. lange manen, een heefd vol ego en een veel te vreemd harnas om zijn hoofd heen. en natuurlijk moest er ook een nieuw zadel op want de oude was te oud en lelijk was. en natuurlijk was het paard mannelijk en veel te druk voor mijn zusjes. als ik toen wist dat ik in meerdere dingen dan alleen een hert kon veranderen had ik dat beest allang vermoord. "Pelangi ?! Waarom nou?" snoof akis boven op mijn rug. ''waarom? kijk eens achter je.'' zei ik droog. "Ow, gheghe," ik voelde het gewist op mijn rug wel erg ver naar mijn zij gaan en krege een schop in mijn buik van de bijna vallende akis. ''rustig met die benen daarboven!" Hup! Pelangi," ik begon sneller te rennen. Zoekend naar een schuilplaats voor het naderende zwarte onheil. 

Het gewicht op mijn rug viel naar links waarop ik me klaarmaakte voor weer een schop in mijn buik. Ik kreeg geen schop maar het gewicht bleef aanhouden. Was daar iets? Ik keek richting het gewicht en zag nog net een stukje grot verdwijnen achter een stuik. Scherp draaide ik me om om het gewicht van Akis weer recht op mijn rug te zetten. Het fijt dat ik nu naar de zwarte wolk rende maakte mijn paarden lichaam toch nog wat onzeker. Met een klein gevecht met mijn paardenlichaam  ging ik naar de grot. Sommige lichamen wisten al dat ik de baas was. Velen die ik nog nooit gebruikt heb wisten dat nog niet. Het zal moeilijk worden om een heel dominant dier onderdanig te laten worden. Ik ben al een paar maanden bezig met het paard. Terwijl ik maar een paar dagen bezig was met de hond. Ik draafde de grot binnen en direct echode het geluid van mijn hoeven door de grot. Mijn lichaam draaide zijn wil helemaal om en wilde tegen de zwarte wolken strijden. Dom was het. Strijden tegen een wolk waarvan je Niet eens wist wat erin zat. Ik bleef in dit lichaam om toch nog te laten zien dat ik de baas erover was. 


Er hoort nog een alinia bij maar die werd niet echt goed xd
Die kwam niet verder dan een zwarte lucht die kwam en hetbpaardenlichaam dat zich ineens heel bang voelde...

===========================
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   ma jul 09, 2012 9:01 am

Ik kwam weer recht te zitten door Pelangi's paardenlichaam. Even grijnsde ik. Dit werd nog leuk. Ik zag de grot nu helemaal in mijn zicht verschijnen, maar het gaf me ook lichte ergernis. Kijk ons nou! Ik had zo'n zin om die drie woorden keihard uit te schreeuwen. Zeker voor mij was het enorm teleurstellend. Ik bedoelde maar, ik was een 'hunter' en jaagde op andere wezens die voor mij vluchtte waarna ik ze alsnog te pakken kreeg, Maar nu jaagden die donkere wolken ons weg en vluchten wij! Dat klopte gewoonweg niet. Ik trok mijn rode ogen tot spleetjes, terwijl het paardenlichaam hobbelige bewegingen maakte, alsof het tegen iets streed. Ik hief mijn wenkbrauw op, maar reageerde er verder niet op. Het was een vloek op Pelangi en ik.. tja, had niet de kracht om deze op te heffen. Niemand had die gave. Dus aandacht eraan besteden zou me enkel op de waarheid wijzen dat het niet kon worden verbr-Wacht! Ik sloeg mijn vuist op de palm van mijn hand. Ja, ik wist hoe! Maar doordat ik de nek los had gelaten, verloor ik mijn evenwicht en wist ik nog met geluk de nek vast te grijpen van het paard. Er was een oplossing. Waarom dacht ik er niet eerder aan? Het antwoord was; heks. Heksen konden dat en er bleek een mannelijke heks hier rond te lopen. Ik grijnsde breder. Die kon wel helpen. Even keek ik weer naar de enorme paardennek voor me, waarna ik sterk twijfelde. Zou ik erover vertellen? En als die heks het niet kon of er niet was? Mijn grip werd iets losser. Laat maar. Ik zou die heks zelf opzoeken. Zolang moest ik erover zwijgen, want ik wilde teleurstelling voorkomen. Anders zat ik met een chagrijnige Pelangi opgescheept. Heerlijk al dat gezeur.. Luid snoof ik, waarna ik abrupt op de koude grond van de grot terecht kwam. Au! Een enorme pijn vestigde zich nogmaals bij mijn borst, maar ook mijn ledematen. Een kreun verliet mijn mond, waarna ik me omhoog hees en mijn kleren helemaal nat waren geworden door de vochtige grond.Lekker dan. Mijn kleren waren helemaal vies geworden en pijn nog ook. Geïrriteerd keek ik Pelangi aan. "Bedankt,.."Ik liep naar een hoekje van de grot toe en deed mijn vest uit en kneep al het water uit,".. voor mijn wasbeurt," Een klein plasje vormde zich onder mijn vest, waarna ik het weer aantrok. Het was nog steeds nat, maar wel minder. Mijn blik viel direct op de donkere wolk in de verte. Oja, we waren gevlucht.

Weer kwamen dezelfde gedachten in mijn achterhoofd. Waarom waren we gevlucht?! En wat was het ding waar we bang voor waren? Het was een absurde zwarte wolk. Ik vertrouwde het voor geen meter en zeker toen er na een bliksemflits een schim in te zien was. Iets zat in die wolk, dat was duidelijk maar wat, dat wilde ik weten. Ik trok mijn ogen verder tot spleetjes, maar raakte enkel verblind door een tweede blikseminslag. Ik wendde mijn blik snel af, waarna ik mijn handen in mijn broekzakken stopte, zoekend naar de pistolen en het duurde even voordat ik de twee tevoorschijn had getoverd. Ik had dus nog wat leuke wapens bij me. Maar het wezen was gevaarlijk, dus wat wapens op zak ter verdediging.. grom, het was irritant om zo te denken, maar het was ter.. verdediging. Ter aanval zou enkel voor problemen zorgen en zeker meer ellende. Ik sloeg geïrriteerd mijn hand tegen de wand van de grot aan, waarna ik Pelangi aankeek. "Ik ga even kijken,"zei ik kort, waarna ik met de pistolen de grot uitliep en zag dat er nog geen regen was gevallen, niet een enkele druppel. Het was kurkdroog, buiten de grot. Raar. Direct keek ik omhoog, naar de zwarte wolk, waaruit enkele flitsen kwamen en de silhouet van het wezen lieten zien. Vleugels, klauwen, snavel en kleine bliksemtjes rondom de lichaamsdelen. Ik snoof luid. Het was een dondervogel. Net op het moment dat ik achter de identiteit was gekomen van het wezen, leek dat ook wederzijds te zijn, waarna een opmerkelijke stilte viel aan beide zijden. Binnen een oogwenk, schoot de enorme dondervogel vanuit zijn zwarte, veilige wolk en kwam recht op me af met zijn snavel ope ngesperd. Zwijgend bleef ik staan. W-Wat nu? Toen ik eenmaal mijn pistolen had gezien en me bedacht dat dit gewoon een domme bliksem duifje was, schoot ik recht richting het wezen. De meesten waren raak en zwakten het wezen genoeg af om mij te missen. Het enorme wezen schoot langs me voorbij en zag de enorme grot staan met een paard erin. Direct schoot de dondervogel er moeizaam heen. Een enorme facepalm deed ik. Paarden hadden meer vlees. Lekker handig. Ik wist dat er nog weinig tijd over was of Pelangi vogelvoer zou worden en optijd wist ik voor haar te komen en schoot ik recht op de kop van het wezen, maar voordat de kogels het wezen hadden geraakt,schoot een bliksemschicht van het wezen mijn kant op. Het enigste wat ik nog zag, was dat door de klap mijn rits openging en de bliksemschicht naar mijn borst ging. Ik voelde geen pijn, en lag toen ineens bewusteloos op de grond met een dode dondervogel aan de andere kant.
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   di jul 10, 2012 2:05 am

''ow shit.'' de enorme zwarte vogel omhuld met donder kwam recht op mij af. ik was zijn tussendoortje geworden. ik slikte. waarschijnlijk de laatste keer dat ik dat kon doen. mijn euh, hoeven zaten vast genageld aan de grond. met het gevaarte dat steeds dichterbij was kon ik steeds minder bewegen. ik schreeuwde in mijn hoofd tegen mezelf maar het hielp niet. totdat, alles leek stil te staan. het enige wat ik nog hoorde was een schot waarna alles weer begon te bewegen. nog voordat alles voor mij zwart met geel werd door de vogel zag ik een bliksemschicht richting akis gaan. als een slang die zijn prooi had gevonden ging het op akis af. zijn kop opengesperd richting de borstkast van de jongen. ik wilde schreeuwen maar weer stopte de tijd. ik was bevroren. samen met de rest om mij heen. alles buiten de grot bewoon wel. maar zat vast in een loop. steeds zag ik dezelfde eekhoorn langs de grot vluchten. steeds opnieuw en opnieuw en opnieuw. vriendelijk gelach echode door de grot. kinderen die vrolijk rond rende met linten in hun haar en handen gingen door de grot. ze zagen het niet. de vogel zagen ze niet. ook niet akis die met de bliksemschicht voor zijn borst bevroren stil stond. ik herkende een van de kinderen. het was niet mezelf zoals in veel van dit soort beelden zou moeten. ik herkende in een van de kinderen mijn jongste zusje. het zusje dat ik maar 3 keer gezien heb. het zusje dat is mee genomen omdat mijn vader zijn goed lopende bedrijf niet wilde verkopen. het zusje dat ik maar 1 keer vrolijk heb zien rennen in een wit jurkje in de hete zomer. het zusje dat als eerste woord mijn naam zei. niet voluit en niet met de goede klanken. maar het was het begin dat ik van heer mocht. het meisje dat liever bij mij in de tuinen was dan in ons grote witte huis. lachen rende ze midden in een groepje jongens en meisjes. allemaal trokken ze zich niks aan van de vogel die met zijn ijzige blik op mij af zou moeten komen. maar waarom zag ik dit? was het een illusie? of was het mijn onderbewustzijn? en waarom zag ik mijn zusje dan met een aantal onbekende kinderen? was het omdat zij het meest normaal was voor mij? dat zij niet het rijke leven heeft kunnen hebben waar velen alleen maar van kunnen dromen? als zij ouder was zou zij vast het meisje zijn geweest waar ik me op kon schieten. het meisje dat niet alleen maar naar mijn achtergrond af ging omdat we dezelfde hadden. het meisje dat ik nu kwijt ben. met z'n allen rende de kinderen naar een van de twee muren in de grot. allemaal rende ze er met gemak doorheen en verdwenen ze. mijn zusje dat voor de muur stopte en nog eens naar mij zwaaide voordat ze ook de muur in rende. langzaam begon de tijd weer te lopen en voelde ik een grote stomp in mijn buik. ik werd tegen de muur aan geslingerd en sloot mijn ogen. met ene tril lip bleef ik liggen. alles stopte. ik hoorde geen donder meer en voelde niet dat er stukken vlees van mijn botten werd getrokken. alles werd wit. wit als in het eerst pak sneeuw dat in het haar is gevallen. wit als in een schone jurk. wit als in de wolken die in een heldere dag hangen. wit als in het laatste dat je ziet voordat je naar het eeuwige rijk gaat. wit als in het gene dat je laatste bestemming is. prachtig wit.

een gebouw verscheen in het witte beeld. grote ramen hielden de buiten wereld weg van de inhoud van het gebouw. ik zag schimmen. wat ze deden zag ik niet. wat ze zeiden hoorde ik niet. wat ik wilde zeggen lukte niet. ik hoorde 1 gil voordat duizenden glasscherven in het rond vlogen. een klein jongetje in een pyjama werd door een van de grote ruiten heen gegooid. stil viel hij, in de eindeloze diepte. ik hoorde geen kreeg of gegil van de andere mensen die ook in de ruimte zaten, ik zag ze weg lopen. voordat het jongetje verdween in het witte beeld. ineens ging het gebouw razend snel weer omhoog en zag ik het jongetje dichterbij komen. ging alles nou omhoog of ging ik nou naar beneden? ik voelde geen druk op mijn schouders en voelde ook geen wind langs me glijden. wat gebeurde er en waarom zag ik dit? waarom moest ik zien hoe een jongetje uit een raam werd gegooid? ik zuchtte terwijl ik mijn ogen sloot. bij het openen van mijn ogen zag ik het jongetje voor mij zweven. ongedeerd met twee kleine crème kleurige vleugeltjes op zijn rug. ''open je ogen pelagi, open je ogen en word weer wakker.'' mijn ogen openen? ik heb mijn ogen open. en hoe kent hij mijn naam? zo veel vragen vlogen door mijn hoofd heen. zo veel dat ik met mijn handen op mijn slapen drukte om het te laten stoppen. ... alles verdween. alles werd zwart en ik zag mezelf in een lange witte jurk die tot ver over mijn benen reek midden in het zwart liggen. als een camera vloog ik naar mezelf toe. het leek wel op een film waarin er op het dode meisje word ingezoomd. en als je bijna bij haar gezicht bent word ze wakker en laat ze haar vreselijke gezicht zien, staat de op en jaagt ze je op totdat je valt en eet je dan op. maar ik deed het niet. met mijn ogen gesloten bleef ik liggen. mijn regenboog haar lang los gekruld over het zwarte oppervlakte verspreid. het was een mooi beeld dat ik nu zag. zou ik zo zijn geweest als ik mezelf niet anders had gedragen? nee. dan zou ik geen regenboog gekleurd haar hebben. dan was het rood. zoals mijn eerste haren eruit zagen. de 'ik' die op de grond lag opende haar ogen en keek mij aan met een glimlach. ''mijn ogen zijn geopend.'' zei de andere ik. het beeld vervaagde en alles werd weer realiteit.

ik knipperde een paar keer met mijn ogen. het beeld werd langzaam scherp. alleen lag ik in de grot. geen dondervogel en geen akis. alleen ik en en zwarte vlek in de vorm van een simpele cartoon achtige bliksemschicht. vermoeid stond ik op en merkte dat ik weer in mijn menselijke lichaam zat door de pijnscheur die door mijn been heen trok. bij elke stap die ik gedwongen zette verminderde de pijn totdat ik niks meer voelde. verbaasd keek in naar mijn been en haalde de afgescheurde mouw van mijn been af. niks. geen schrammetje of wond. ik liep de grot uit en zag dat het minsten als de volgende dag was geworden. of de dag daarna, of daarna. hoelang was ik out geweest? alles voor mij begon weer te tollen. mijn ene hand drukte ik op mijn slaap en met mijn andere zocht op grip aan de grot waar ik nog dichtbij stond. ik bleef met dichtgeknepen ogen staan. wachtend tot niks meer tolde in mijn hoofd. langzaam stond alles stil en opende ik mijn ogen weer. vogels vloten rustig in de bomen hun lied. ik knipperde nog een paar keer met mijn ogen voordat ik weer begon te lopen. op een steen vlakbij een groep bomen daalde ik neer en legde mijn hoofd in mijn handen. waarom zag ik mijn zusje en die jongen? waarom zag ik hoe de kinderen door de muur heen liepen en hoe het jongetje door een ruit werd gegooid? had het een reden of was het gewoon iets dat je hoort te zien als je bewusteloos bent? ik hoorde voetstappen in het gras. ik tilde mijn hoof op en zag 3 zwarte schimmen. de twee buitenste wisselden steeds van plek. door de middelste gingen ze steeds. de 2 schimmen maakte steeds korte bogen om langs de middelste te gaan totdat ik er nog maar 1 zag. ''akis?'' vroeg ik verbaasd en nog wat verward.
whoee~

geen zin om dat stuk voor de ow schit er bij te schijven. mijn post is lang genoeg^^

===========================
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   di jul 10, 2012 9:49 pm

Een wazige schim was te zien en ik moest in mijn ogen wrijven om de silhouet te herkennen. Mijn zicht herstelde zich en ik zag de gedaante van Pelangi staan. Maar ik zag al spoedig in welke staat ze zat. Haar ogen leken mij te zoeken en ze richtte zich meer op haar gehoor dan haar zicht. Dat zei volgens mij al genoeg. Zo was ik ook toen ik net ontwaakte. Het was al een paar dagen geleden dat ik ontwaakte bij de ingang van de grot. Toen ik mijn ogen had geopend was ook alles enorm wazig en greep ik met mijn hand nar mijn kop die toen der tijd enorm bonsde. Toen pas had ik de enorme wond bij mijn borst gezien, die aan het genezen was. Ik schrok er een van, omdat ik toen niet begreep hoe het ineens was verschenen, maar toen ik me overeind hees en ging zitten, leunend tegen de wand van de grot, kwamen alle herinneringen terug. Daardoor wist ik dat dit de wond was die ik van de dondervogel had gekregen. Die wond leek ook te bonzen, dus had ik wat verband gemaakt van planten en deze om mijn borst gewikkeld. Elke dag ververste ik deze, maar die wond werd duidelijk een enorme litteken. Maar Pelangi was nog bewusteloos, en was enorm stil in de tijd dat ik nog aan het bijkomen was. Het baarde me zorgen. Zou ze weer ontwaken? Inmiddels begon ik weer te jagen, maar wel dicht bij de grot, maar meer dan wat kleine wezens wist ik niet te vangen. Maar ik was dan ook gewond, dus was het wel logisch. En in tijden had ik weer een bad genomen, terwijl Pelangi overwoekerd raakte door de vieze derrie van de grot zelf. Ik had haar dus vaag schoongemaakt met een nat blaadje van een boom verderop. Het was een harde tijd voor mezelf, dus moest ik zelfs fruit en groente eten, voor zover ik deze hier kon vinden. En net een uur geleden kon ik mijn gedachten van eerder onthouden, van voor de klap. Ik had de oplossing voor Pelangi's vloek, en wilde net vertrekken, totdat Pelangi ineens wakker buiten de grot zat. Dat was een zorg minder. Ze was eindelijk wakker en kon na een paar dagen zeker helpen met de jacht.

'Akis?' vroeg Pelangi verbaast en verward. Ik liet een glimlach zien. Oké, ze was écht oké om mij te herkennen. Ik was opvallend gekleed met mijn leren kleding en mijn inmiddels rood geworden haar waarbij ik een vlechtje had gemaakt. Inmiddels had ik ook nieuwe kleren gemaakt van die wezens die ik had gedood, en was ik duidelijk gegroeid qua lengte. Kon je dan groeien tijdens een bewusteloosheid? Wat raar? Je nam geen voedingsstoffen in, dus hoe kon het? Oké, raar. Ik begon Pelangi weer aan te kijken en bewoog zo min mogelijk, zodat haar zicht zich makkelijker kon herstellen. Ik wist zo ongeveer wat ze nu zou zien, omdat ik het ook een tijdje had. "Hey, slaap kop,"Zei ik met een grinnik, terwijl ik mijn handen in mijn zij plaatste. Het was goed om te weten dat ze nauwelijks wonden had. Dus toen ik die dondervogel aan viel... Had ik haar ook werkelijk waar beschermd? Ik hief kort mijn wenkbrauw op. Ow,maar ik kreeg er een nare litteken van. Voorzichtig plaatste ik mijn linkerhand op mijn borst waar het witte verband zat. "T..t.t.t..."kreunde ik zachtjes van de pijn, waarna ik vlug mijn hand terugtrok. Oké, niet meer doen. Ik kon enkel nog hopen dat ze niet vroeg naar wat ik hier deed. Ik twijfelde nog of ik het haar moest vertellen. Wezens vonden mij niet erg 'leuk' en heksen hoorden er ook bij, dus werd het nogal moeilijk. Die elementen heks zou me misschien niet helpen, maar wie weet. Een vloek was er om opgeheven te worden. Daarom moest die heks het wel kunnen, toch? Er was toch hoop voor Pelangi! Recht keek ik haar weer aan, nu met een kalmere blik. "Eindelijk wakker, right? Wil je in de grot rusten of hier blijven?"vroeg ik droogjes, terwijl ik met mijn neus richting de grot en deze plek wees, en mijn handen nonchalant in mijn broekzakken propten. Het was een serieuze vraag, maar ik kon deze niet op die wijze stellen. Serieus zijn paste niet bij me, enkel bij échte noodzakelijke situaties.

He? Wat was dat? Een rondvormige, glad iets zat in mijn broekzak verstopt en verrast trok ik het voorwerp uit mijn broekzak. Het was een rode appel, een zoete. Niet begrijpend keek ik naar de glanzende appel die glom door de zon die scheen. Hoe kwam die hier nou terecht? Ik had geen appels verzameld vandaag, of wel? Ik hield mijn hand bij mijn hoofd. Mijn geheugen was nog niet al te perfect, maar ik wist wel de belangrijkste dingen. En vergeten over appels? Ach, dat kon weleens gebeuren..wacht,nee.. Ik herinnerde het me weer! Vanochtend had ik natuurlijk wel appels verzameld, maar had ik er maar één gevonden. Ik trok mijn hand weg en glimlachte. Ja hoor, zo dat in elkaar. Het klonk ook wel logisch. Ik keek naar nog 1 keer naar de appel, waarna ik deze uit elkaar trok, zodat er 2 helften waren. Een nieuwe herinnering schoot te binnen. Dit leek op de ontmoeting tussen mij en Pelangi. Lol, dat was toeval! Maar Pelangi had de appel gegeven en nu was ik dat persoon. De ene helft legde ik in haar hand, omdat ze waarschijnlijk de appel nog niet zo goed kon aanpakken, waarna ik zelf een hap nam van de sappige, zoete appel. "Hrrier.. een appwrell,"Zei ik met een volle mond, waarna ik kalmpjes kauwde en me vestigde ik op het gras en de gemalen stukjes appel doorslikte. Yum, dat was lekker. Vlees was beter, maar alsnog. Ik ging languit liggen met mijn handen onder mijn hoofd, waarna ik Pelangi aankeek. "Hoe smaakt het?"zei ik met een grijnsje. Pelangi bleek oké te zijn en die appel was verrekte lekker! Maar ik wendde mijn blik snel van haar af. Ik moest constant over die heks denken. Ik keek even nadenkend naar de strak blauwe lucht. Ik twijfelde nog of ik het moest vertellen over die heks. Ik wilde niet dat het enkel valse hoop zou zijn. Misschien kon ik vandaag toch beter gaan, maar wel liegen dat ik ging jagen. Het was toch ook jaagtijd voor mij. Maar deze paar minuten kon ik voor het gemak wel even bij haar blijven om al haar verwarring te doorbreken. Ze was nog suf en haar alleen laten was niet slim. Dan werd ze misschien nog gedood. Straks moest ik haar weer terug naar de grot brengen. Na enkele tellen keek ik haar weer aan met mijn rode ogen. Wat zou ze eigenlijk vragen?
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   wo jul 11, 2012 8:48 am

de gedaante voor mij kreeg steeds meer detail en kleur. na enkele secondes kon ik er zelfs een silhouetten in zien. een silhouetten waarvan ik blij was het te zien. het mocht dan wat veranderd zijn in de tijd dat ik er niet was. ik bleef blij het te zien. dat hij mij niet bewusteloos had achtergelaten gaf mij een veilig gevoel. was hij bij me gebleven omdat we vrienden waren of omdat het hem anders misschien een schuldgevoel gaf? ik zuchtte even en wreef met mijn hand over mijn enkel. alleen een witte plek was nog te zien tussen mijn nogal roze huid. dat betekende korte broeken om die witte plek weer weg te krijgen. niet dat ik hier een lange broek had. "Hey, slaap kop," langzaam keek ik op door de kloppende pijn die ik licht in mijn slaap voelde. ik trok mijn mond hoek op en keek vervolgens naar de lucht. langzaam breven kleine witte wolkjes door de lucht waar vele vogels doorheen vlogen. ik de kleuren die ik kende en kleuren die ik nog nooit eerder had gezien. vogels met grote staarten met grote dikke pluizige veren. paradijsvogels leken ze wel op. maar deze zaten vol met meer kleur. ik zou er wel in mijn paradijsvogel lichaam tussen passen. ik grinnikte even bij het zien van een jonge vogel. het kleine beestje had nog moeite met vliegen en sloeg dus hevig met zijn vleugels op en neer om ook maar te hopen om in de lucht te blijven. de kleine blauwe bol viel af en toe een paar keer naar beneden maar kon zich nog boven de boomtoppen herstellen. "T..t.t.t..." ik keek weer voor me uit en zag nog net een glimp van akis die zijn had van zijn borst weg haalde. pas nu viel hem we op dat hij een aantal lange bladeren om zijn borst had gewikkeld? waarom had hij dat gedaan? natuurlijk, de bliksemschicht die zijn borstkast had geraakt. maar dan zou je toch dood moeten zijn? of had hij geluk en had hij her overleefd met een lelijk wond? ik zag de stilstaande beelden van een aantal dagen geleden weer in mijn hoofd verschijnen. hoe de slang achtige bliksemschicht het op zijn borst had gemunt. hoe ik nu pas twee ogen in de gele lijn zag. een rilling gleed over mijn rug waardoor ik direct rechtop ging zitten. even bleef ik zo zitten waarna ik weer mijn rug bol maakte en wat voorover leunde om me zelf snel op te kunnen vangen met mijn handen. "Eindelijk wakker, right? Wil je in de grot rusten of hier blijven?" even bleef ik stil. ''ik denk dat de frisse lucht me beter doet dan die muffe geur van de grot.''

in de verste zag ik weer mijn zusje. maar, hoe? zij was mee genomen hoe kon zij dan hier zijn? was zij dan ook via een poort in fanterria beland. ik wilde het aan akis laten zien maar wist bijna zeker dat het mijn verbeelding was. ze liep namelijk weer in het zelfde jurkje als in de grot. ik zou zeker zo meteen ook het jongetje zien dat uit het raam werd gegooid. vrolijk huppelde en zong mijn zusje verderop tussen de bomen. een kleine rode vogel met grote witte veren op zijn kop landde op de vinder die mijn zusje uitgestrekt had terwijl ze op een been stond te balanceren. met haar neus wreef ze tegen de kleien gekrulde snavel van de vogel aan en begon langzaam en zacht te zingen. wat ze zong wist ik niet. de vogel herkende ik wel. deze vogel zat samen met nog een paar ander van dit soort gekleurde vogels bij ons in een kooi. stille beestjes waren het. totdat iemand met een zuivere stem ook begon te zingen. vrolijk tsjirpten die beestjes dan mee met het persoon dat aan het zingen was. en nu ook vloot de vogel met mijn zusje mee. vrolijk huppelde mijn zusje met de vogel op haar hand naar mij toe. steeds luider begon ze haar liedje te zingen.

if I die young, bury me in satin
lay me down, on a, bed of roses
sink me in the river, at dawn
send me away with the words of a love song oh oh oh oh

lord make me a rainbow, I'll shine down on my mother
she'll know i'm safe with you, when she stands under my colors
oh, and life ain't always what you think it oughta be, no
ain't even gray but she buries her baby

the sharp knife, of a short life oh
well, i've had, just enough time

if I die young, bury me in satin
lay me down, on a, bed of roses
sink me in the river, at dawn
send me away with the words of a love song

the sharp knife, of a short life oh
well, i've had, just enough time

and i'll be wearing white, when I come into your kingdom
i'm as green as the ring on my little cold finger
i've never known the loving of a man
but it sure felt nice when he was holding my hand ...


haar stem sterfte af bij het zien van mijn gezicht. ze zag me toch al eerder? of was ik voor haar een verbeelding? nee, zij was mijn verbeelding en dit was echt. of was ik nu aan het dromen en zou ik gewoon wakker worden in mijn eigen bed? nee, als dit een droom zou zijn had ik die beet van die vis nooit kunnen voelen, zou ik nooit hebben kunnen voelen dat ik tegen de grot wand aan werd gegooid. ''p.p.pelangi?'' stotterde ze. oja, mijn zusje stotterde altijd. een vreemd jeukend gevoel dook op in mijn buik. p.pelangi!'' zei mijn zusje vrolijk. de vogel vloog van haar vinder af waarna mijn zusje naar me toe rende en me omhelsde. haar koude lichte lichaam ruste op mijn schouders. verbaasd keek ik naar haar met mijn handen nog steeds naast mij op de steen te doen alsof ik gewoon even niet oplette. voor mij zag ik akis die met zijn had in zijn zak zat de graaien. ''p.pelangi waarom ant.t.t.woord je niet?'' ik draaide me gezicht naar mijn zusje en keek haar hoopvol aan. ik had haar doorzichtig verwacht maar ze zag er levensecht uit. alsof mijn zusje hier echt stond. ik wilde met mijn hand door haar heen gaan maar wat nou als ze wel echt was? maar dan had akis haar a l opgemerkt. pelagi? w.wa.wat is er met je stem? ben je h.h.he.hem kwijt?'' ik schudde mijn hoofd alsof ik de baren die erlangs hingen opzij wilde gooien. ''waarom praat je dan n.n.n.niet?'' ik voelde een paar natte stukjes op mijn arm vallen en keek naar akis. "Hrrier.. een appwrell," ''bedant,'' zei ik tegelijkertijd veegde ik de stukjes appel van mijn arm en nam de appel aan. zenuwachtig speelde ik wat met de appel in mijn handen. akis ging zitten waarna hij aan me vroeg hoe de appel smaakte. ''beter dan de mijne.'' zei ik nog voordat ik ook maar een hap had genomen. aan mijn lichaams-houding was nu duidelijk te zien dat ik zenuwachtig was. mijn zusje stond naast mij terwijl ze niet eens echt was. ze pratte echt tegen mij alsof ze hier echt was wat natuurlijk niet zo is omdat akis haar dan al had opgemerkt. ''pelangi?'' nu werd het even teveel. ''ik zie je zo weer akis.'' ik stond op en nam de halve appel met me mee. vrolijk huppelde mijn zusje met me weer terwijl ik naar een boom groepje ver van akis ging zitten. mijn zusje ging naast mij zitten en leunde met haar rug tegen mij aan. har koude houd bracht kippenvel op mijn arm. rustig wreef ik erover heen. het was gewoon raar om je verloren zusje weer een te zien.

''ik weet je naam niet meer...'' ik werd onderbroken door mijn zusje. ''tyla'' ''tyla,'' herhaalde ik. '' ik lijk nu vast wel gek dat ik tegen een geest zit te praten maar...'' mijn stem stierf af. hoe kon ik mijn zusje ooit gaan afwijzen? ''jij hort niet hier op vrije voeten te lopen. jij bent ontvoerd. verdwenen, weg.''nee pelangi. ik ben vrij. gestorven nog voordat jij hier was. van boven heb ik je bekeken en heb gezien hoe je bewusteloos raakte, hoe je hier kwam en hoe je je vriend achterliet. ''ik heb hem niet achtergelaten!" snauwde ik mijn zusje toe. geschrokken van mijn eigen stem werd ik weer stil. ''je kon er niks aan doen pelangi.'' met een traan die langzaam van mijn wang af gleed keek ik mijn zusje aan. '' je, je stottert niet meer.'' ''mensen die stotteren stoppen ineens als ze zingen en bij iemand zijn die ze 100% vertrouwen. en ik vertrouw jou.'' ''maar waarom ben je hier?'' vroeg ik terwijl er nog een traan over dezelfde wang aan het rollen was. mijn zusje legde haar hand op de mijne en glimlachte. '' ik ben hier om je te beschermen. wanneer je me nodig hebt ben ik er.'' ''maar waarom was je er tijdens die dondervogel niet?'' '' ik herkende je niet. ik weet dat je van lichaam kan veranderen maar ik wist niet hoe je eruit zou zien.'' ik glimlachte en veegde de 3e traan van mijn gezicht af. tegelijkertijd stond ik met mijnzusje op en pakte de appel. ''bedankt dat je bij me blijft.'' zei ik voordat ik weer naar akis toe liep. over mijn schouder keek ik naar mijn zusje die me uitzwaaide. met mijn hand naast mijn zij zwaaide ik terug naar euhm, tyla.

:'D yay
duurde 1 uur maar dan is het ook wat ^^

===========================
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   do jul 12, 2012 5:26 am

Ik snapte niet wat mij écht overkwam. Pelangi raakt ineens nerveus. Was het omdat ze mij niet vertrouwde of was er nog iets aan de hand?Of.. wist ze het over? Nee, riep ik mezelf toe in mijn gedachten. Dat was het sowieso niet. Het was zeker iets anders, maar wat? Want zo'n nerveus typje was of leek ze niet te zijn. Ik kende haar ook maar kort, of lang. Het lag aan hoe je het bekeek. 'Beter dan de mijne,'Antwoordde Pelangi ineens op mijn vraag of het smaakte, voordat ze maar 1 hapje van de appel had genomen. Hoezo? Wat was er écht met haar aan de hand? Of zag ze waanbeelden, doordat ze net was wakker geworden? Dat kon natuurlijk ook. Maar ik voelde me ook niet meer op mijn gemak. Er was écht iets aan de hand, maar wat het ook was, ik hoopte dat het goed kwam. 'Ik zie je zo weer Akis,'Oké, nu pas snapte ik er niks meer van. Ging ze nou ineens weg, zonder wat te zeggen? Tss... Vaagheid. Ik draaide me wat om en wreef mijn handen tegen elkaar om het kleverigheid van die appel kwijt te raken. Ik snapte haar nu even niet meer. Maar het kwam heus goed. Of dat kon ik enkel hopen, niet meer dan dat. Ik plaatste mijn armen op het nog vochtige gras en ademde diep in en uit, waarna ik mijn handen onder mijn hoofd plaatste. Die Pelangi was écht te raar voor worden, zeker nu. Maar wacht? Waar ging ze nou heen? Ik draaide mijn kop iets opzij en een vage boom stond verderop en een stip eronder dat Pelangi zeker was. Weird. Waarom bleef ze niet hier en waarom dat gedrag? Ik zuchtte. Ik kreeg er koppijn van. Meiden waren raar. Maar goed, dan maar even rusten in de heerlijke zon. De bovendien zonachtige voorwerp die gewoon warm was. Het was niet de zon zelf, maar het leek er erg op. Wacht eens even! Ik schoot overeind, terwijl ik mijn benen wat naar me toetrok. Ik zou naar die heks gaan! Nu had ik mijn kans! Nogmaals keek ik richting de boom, waar Pelangi nog zat. Oké, ik moest snel gaan. Chillen kon altijd nog. Maar nu moest ik naar die heks. Nu of nooit. Ik wist niet hoelang die heks hier in de buurt zou rondzwerven. Ook moest Pelangi van die vloek af. Ze moest een normaal mens zijn. Dat wilde iedereen... ik..ook.

De stem van Pelangi boezemde mij angst in. Nee, hea! Ze was er al en zo snel? Of was ik gewoon traag? Ik hees me overeind en zweeg. Ik moest nu gaan, maar moest ik liegen? Of .. tja... het vertellen? Ik wist trouwens ook niet of Pelangi wel normaal wilde worden en oo of ze het goed vond. Dus moest ik het haar vragen , toch? Ik beet op mijn lip. Dit was haar kans om normaal te zijn, een normale mens ongeacht geld. Net als ik de kans kreeg om niet meer arm te zijn en gepest door de anderen. Zij moest deze kans ook krijgen, nu ik deze ook kreeg. Dus.. ik moest het zeggen! Ik balde mijn vuisten, maar niks verliet mijn mond. Hoe moest ik het zeggen? En als het valse hoop was? Valse hoop was pas vreselijk en daardoor had ik in mijn leven als kind zoveel fouten gemaakt, zoals dat altijd alles goed zou komen. Ouders doodgeschoten, hoezo.. kwam het goed? Hoezo? Ik trok mijn vuisten steviger in elkaar. Tss.. Valse hoop! Ik moest het zeggen.. maar.. Echt? Weet je, ik deed het gewoon! "Uhmmm.. Pelangi.. Er is een kans dat.."Stamelde ik, terwijl ik haar weer aankeek om over Jellal te hebben, die heks die haar vloek zou kunnen opheffen, maar toen ik een kleine beweging maakte, viel ik over een kiezelsteentje dat per sé voor mij moest liggen, waarna ik mijn evenwicht verloor. En toen pas zag ik de richting waarin ik viel. "Oei,"Ik viel richting Pelangi! Ik kon me nauwelijks herstellen en viel toen recht bovenop Pelangi. "Au.."kreunde ik zachtjes, waarna ik mijn ogen open deed en zag dat ik mijn armen gestrekt had naast haar en net niet exact op haar was gevallen. Gelukkig, maar... Snel hees ik me overeind en klopte wat vuil van mijn kleren af en wendde snel mijn blik af. Oei, dat was heel awkward. Een bloosje verscheen op mijn gezicht. Dat was totaal niet waar ik het over wilde hebben. Ik herstelde me iets en keek haar toen weer aan, waarna ik mijn hand naar haar uit stak, maar deze terugtrok. Damn, waarom moest dat zojuist gebeuren. Stevig schopte ik het kiezelsteentje weg, waarna ik kort snoof. "Jellal kan die vloek opheffen en hij is een heks en bovendien in de buurt..."mopperde ik zachtjes. Hé! Door die falende moment , kon ik het wel makkelijk vertellen, maar nog steeds! Beter stamelend dan dat!
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   za jul 14, 2012 9:05 pm

Mijn vingers wreven minder zenuwachtig langs elkaar dan eerst. Hé? Ik had die appel toch nogsteeds in mijn handen. Ik keek achterom naar mijn zusje die rustig een appel op at. Geesten kunnen toch geen voorwerpen vast pakken? Of waren de regeltjes anders? Maar dan kon ze nigsteeds niet mijn echte appel eten. Tyla schopte tegen een voorwerp aan dat gevolchd werd door mijn ogen. Een prachtig rood gekleurde appel vloog omhoog, draaide wat rond en landde in het gras. Mijn appel landde in het gras. Opgelucht zuchtte ik waarna ik Akis met gebelde vuisten voor mij zag staan. Was er iets met hem? Nee natuurlijk niet. Er is niks met je aan de hand als je met gebelde vuisten voor iemand staat. Maar er was dus iets met Akis aan de hand. Had het ermee te maken dat ik zonet zo zenuwachtig  voor hem zat? Dat hij dat dan verkeerd had opgemerkt? "Uhmmm.. Pelangi.. Er is een kans dat.." stamelde Akis. Voordat ik kon vragen wat voor kans er was zag ik Akis op me af vallen. Langs mij viel Akis op de grond Waarop ik grinnikte. Waardoor hij viel zag ik niet, maar het had wel humor in zich. Voor mij dan, Akis hield er een rode blus van over toen hij opkrabbelde. Hij veegde wat stof van zich af en stak zijn hand uit. Die hij snel weer terug trok. Iets vertellen aan een meisje wat toch moeilijker dan hij waarschijnlijk dacht. "Jellal kan die vloek opheffen en hij is een heks en bovendien in de buurt..." 

Ik stopte met alles wat ik deed. Ademen, knipperen, bewegen. Alles stopte even.  Weer normaal worden. Niet meer het meisje zijn dat half die is.  Maar als ik hier op fa niet weg zou kunnen zou het dan wel gunstig voor me zijn? Ik kan alleen met pijl en boog overweg en die zijn niet simpel te maken. Eigenlijk hangt het er vanaf of ik het wil. Als ik terug kon naar aarde zou ik het wel willen. Maar ik wilde niet terug. Thuis had ik maar 1 vriend en het deed me daar ook aan me zusje denken dat nu dood is. Waarschijnlijk zou ik ook extra bescherming krijgen als ik buiten ben. Dat gaf mij dan weer een "ik ben rijk en heb dus veel bescherming nodig voor mijn perfecte gezicht." label geven. En ik wilde juist zo ver weg als mogelijk is van zulke labels. Hier zijn volgens mij maar twee labels. Mens en wezen. Als hier echt met geld zou worden betaald zouden open gras vlaktes al lang vol zijn gebouwd. Wie geld heeft heeft macht en macht wil je laten zien.

Ik kon dus beter hier blijven. Ik mocht hier dan ook maar 1 echte vriend hebben. Meer hoefde ik eigenlijk niet. En anders kon ik nieuwe maken. Zij wisten toch niet dan ik rijk was als ik het niet let zien. En hoe zou een rijke kakker hier ooit normaal kunnen keven zonder de gewende luxe? Niet. Ik  keek met een moeilijk glimlach naar Akis. "dat het een vloek is maakt het niet slecht." zei ik zacht. "alleen thuis komt normaal voor mij uit. Maar ik ben vast als vermist op gegeven en als ik terug kom krijg ik een 'rijk' label. En dat ik misschien nu wel op miljoenen tv's sta tijdens de reclame kan me niks schelen! Ik had daar maar een vriend en die vertrouwd me vast niet meer!" Zei ik met eensteensmuur luidere stem. De gedachtes aan mijn vriend braken kleine stukjes van mij van binnen waardoor de tranen zich in mijn ooghoeken ophoopte. "hier weet ik dat de mensen ongewoon zijn. En hier ben ik een shape shifter. Dat is hier normaal." zei ik deze keer met een normaal volume. "ik wil er alleen vanaf dat ik niet steeds eerst de baas moet worden voer het dier. " fluisterde ik bijna. "kan die jellal ook vloeken aanpassen?" vroeg ik hoopvol aan Akis. Enkel tranen over de gedachtes van mijn vriend waren mijn wangen over gerold. 

===========================
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Akis
Hunter
avatar

Aantal berichten : 525
Punten : 49

Over jouw personage
Leeftijd: 18 Years
Groepsleider: Me.
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   za jul 14, 2012 11:30 pm

Het bleef enorm stil aan Pelangi's kant. De seconden nadat ik 'het'had verteld was ze enorm stil geworden tot mijn spijt. Ik wilde zo'n stilte voorkomen, want het raakte duidelijk het persoon die er dn weer over moest nadenken en dan 2 dingen zou doen, of nee.. meer zelfs. Er was een kleine kans dat ze het accepteerde, en dat we rustig naar die heks konden gaan vertrekken. Een grotere kans was op een woede aanval, waarmee ik dus gewond zou raken. Dan had je nog een kans op ontkenning dat kon escaleren tot zo'n woede aanval. Ik hoopte maar dat het de eerste optie was, want ik had geen zin om door een meisje in elkaar geschud te worden, zeker nu ze een shapeshifter was. Licht nerveus tikte ik met mijn vingertoppen tegen mijn wapens aan die in mijn broekzak zaten. Ik was voorbereidt. Maar Pelangi was mijn enige kennis hier, en haar dan doden zou jammer zijn. Ze was een goede bondgenoot. Recht keek ik haar weer aan, waarna er een moeilijke glimlach op haar gezicht vormde. Een glimlach? Welke optie was dat? Ze was duidelijk klaar met het verwerken van dit alles, maar wat wilde ze nu? 'Dat het een vloek is maakt het niet slecht,'zei Pelangi zachtjes. Ik hief mijn wenkbrauw op. Meestal was het wel een slecht iets met weinig voordelen. Maar misschien duidde ze op die voordelen, dat kon tenslotte ook. Maar ik vroeg me af wat ze verder zou zeggen en waarop ze doelde. 'Alleen thuis komt normaal voor mij uit. Maar ik ben vast als vermist op gegeven en als ik terug kom krijg ik een 'rijk' label. En dat ik misschien nu wel op miljoenen tv's sta tijdens de reclame kan me niks schelen! Ik had daar maar een vriend en die vertrouwd me vast niet meer!'Het was eruit gekomen, terwijl Pelangi's stem na elke woord steeds luider werd. Voor het gemak bleef ik haar kalm aankijken, maar dat lukte moeilijk nu ik haar écht begreep. Ik wist al dat Pelangi anders was en dit was een bevestiging erop. Ik accepteerde haar nu écht, maar het feit dat dit écht kon gebeuren op aarde. Het maakte me geïrriteerd. Sommige rijke familie's hadden zelfs kinderen, vanwege een trend. Tss.. Maar Pelangi was als persoon duidelijk anders en menselijker. Huh? Over menselijk gesproken, ik zag haar ogen vochtiger worden. Een kalmerende glimlach liet ik haar zien. Haar hart leek gelucht, en die optie's van eerder klopten niet met haar reactie. Maar mensen waren onverwachts.

'Hier weet ik dat de mensen ongewoon zijn. En hier ben ik een shape shifter. Dat is hier normaal,' Ik knikte naar Pelangi. Mensen waren hier ongewoon, maar ho-oww. Ik begreep haar nu wel. 'Ik wil er alleen vanaf dat ik niet steeds eerst de baas moet worden over het dier,'zei Pelangi. Ik zweeg eventjes. Nu kwam het eigenlijke ding waar Pelangi op doelde. 'Kan die Jellal ook vloeken aanpassen?' vroeg Pelangi, en ik knikte naar haar. Ik had iets over een slot gehoord bij Masaomi's Okami ding, dus moest hij het wel kunnen. "Ja, en.."Ik stopte met spreken, toen de tranen over Pelangi's wangen rolden. Was het vanwege haar vriend? Het moest wel. Ze moest natuurlijk niet huilend bij Jellal aankomen, hij was tenslotte een heks en dacht neutraal over mensen zolang ze sterk waren. "Die tranen zijn nergens voor nodig,"zei ik met een glimlach, waarna ik richting de zon van Fanterria wees met mijn wijsvinger en haar daarbij aankeek. "De zon schijnt, de wereld vergaat niet. Hier ben je ook niet rijk of arm, en voor de wezens hier boeit geld niet echt. Het is voor hen goud, zilver en papier," zei ik grijnzend," Kijk gewoon naar de zon als jij je bagger voelt, en denk aan mijn woorden," Dat was het beste advies die ik aan haar kon geven. En deze werkte vaak bij mij, want een goede vriend van me had mij dat ook eens verteld toen ik klein was en weer was gepest door de rijke kinderen. Ik mistte hem wel, want hij stierf door een auto ongeluk. Maar het voelde goed om die advies door te geven. Ik stak toen mijn hand naar Pelangi uit. "Kom we gaan! Het is best dichtbij hoor," We konden het lopend nog bereiken.
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Pelangi
Hunter
avatar

Aantal berichten : 513
Punten : 54

Over jouw personage
Leeftijd: 17
Groepsleider: X
Relatie: X

BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   zo jul 15, 2012 1:39 am

Ik zag het al voor me. 3 keer per reclame blok zou ik langs vliegen met een speciaal telefoon nummer waar naar gebeld kon worden als je mij gezien had. Honderden euro's die uitgegeven zijn voor een filmpje van 3 minuten. Met mij, in zomer kleding in en van onze vele zomerhuizen waar ik op kleine momenten bij mijn ouder in de buurt aan het lachen ben. Om flauwe grappen waar ieder normaal rijk mens om zou lachen. Met foto's van mij door de jaren heen. Eerst foto's van een kleine meisje met rood haar. Daarna ineen een tiener met fel regenboog haar. Gevolgd door een filmpje van mijn familie die dicht tegen elkaar met tranen op de bank zit. Ze denken vast dat ik ontvoerd ben door de dezelfde persoon als door wie mijn zusje is ontvoerd. Met een blik van van mijn vader die van zacht ineens naar hard gaat en zegt dat hij zijn bedrijf nog steeds niet verkoopt. Het logo van onze familie, die langzaam vervaagd en plaatst maakt van een school foto van mij. Met als laatst een zwart beeld met langzame klassieke muziek waar een manen stem te horen is die in de achtergrond een lied zicht dat hij haar niet kwijt wil. hij is mijn familie en haar ben ik. Langzaam komt het vertrouwde telefoon nummer binnen met een bedrag van de gouden tip. Wie zou die kunnen geven? Ik ben in stilte verdwenen met mijn vriend die als laatste bij me was. Hij zou de gouden tip natuurlijk kunnen zeggen. Maar waarom zou ie? ik Ben ineens verdwenen. Natuurlijk kan hij het na dat filmpje ook begrijpen waarom ik er niet meer was en de tip inleveren. Grote stukken bos zouden worden afgezet en met honden word er naar mijn geur gezocht die natuurlijk midden op een plek zonder aanwijzingen ophoud. Waarom zou een poort naar zo'n wereld openblijven voor mensen met veel macht en geld? Ze zouden het gaan doen zoals ze het eerder ook deden. Zeggen dat de enige manier om te handelen is geld tegen voorwerp ruilen. voorwerp tegen voorwerp was niks meer. Maar waarom zouden de wezens hier naar hun luisteren? Hier zijn draken, tovenaars feniksen. Waarom zouden die luisteren? Omdat wij wapens hebben. Zelfs dan denk ik dat de wezens hier nog kunnen winnen. Wij hebben reuzen die de mensen als kleine soldaatjes zien. Heb met toeval een kleine kwijlende baby reus die op de soldaatjes gaat sabbelen. Het beeld dat ik nu voor me zag maakte een glimlach op mijn gezicht. Hoe een kleine baby in een luier op de soldaatjes en hun wapens sabbelt. Grote kwijl hopen op de grond waarna het vrij spel is voor de wezens. Het beeld maakte zelfs een grinnik bij me los.

"Die tranen zijn nergens voor nodig," Ik keek op. Oja, de tranen die nog aan mijn wang vastzaten. De glimlach die akis op had was er zo eentje waar anderen wel van terug moesten glimlachen. Wat ik ook deed. Terwijl hij naar de zon wees verlieten een hoop woorden zijn mond. "De zon schijnt, de wereld vergaat niet. Hier ben je ook niet rijk of arm, en voor de wezens hier boeit geld niet echt. Het is voor hen goud, zilver en papier," Zijn glimlach was in een grijns veranderd. ," Kijk gewoon naar de zon als jij je bagger voelt, en denk aan mijn woorden," Ik veegde de tranen van mijn wang af en snoof. Ugh, zelfs als je niet eens echt huilde zat je neus direct al weer vol. De hand die akis uitstak nam ik aan waarna ik mezelf naar hem toe trok. Mijn schouder leunde tegen hem aan waarna ik langzaam begon te lopen. niet als in liefde maar als in steun die ik nodig had. met mijn zusje dat ik weer zag, mijn vriend waar ik nu enorm over twijfelde, akis en de heks dat allemaal tegelijk door mijn hoofd heen spookte. Als ik er maar niks erg aan over hield.


weinig voor jou maar pelangi kan niet weten waar de heks is xd

===========================
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
Gesponsorde inhoud




BerichtOnderwerp: Re: a small creek next to me   

Terug naar boven Ga naar beneden
 
a small creek next to me
Terug naar boven 
Pagina 1 van 2Ga naar pagina : 1, 2  Volgende

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Fanterria :: Fantasonia :: Grünland :: Shallow Stream-
Ga naar: